Het Einde op de Oerd, Amen-land

Het Schip.

Als de zon steeds schijnt, dagen achter elkaar, en er is wekenlang geen wolkje aan de lucht, dan gaat er, na verloop van tijd, iets knagen. Het bestaan wordt platter, een tweedimensionaal doolhof waarin je gevoelens diepte gaan verliezen en je leven langzamerhand de terugkoppeling met het betrouwbaar kompas van de rede begint kwijt te raken.
Een hele week wandelen en fietsen in de brandende zon op zo’n leuk en authentiek waddeneiland. De zee die tot vervelens toe met kleine nuffige golfjes in het eindeloze strand zijn meerdere moet erkennen. En geen verandering. Alles hetzelfde.
Maar in je kop gist het. Je weet, dit moet uiteindelijk leiden tot een gewelddadige catharsis. De terrasjes met die leuke modieuze, kwebbelende mensen. De grijze muizen die egoïstisch zwalkend de prachtige witte fietspaden in een nachtmerrie veranderen. Het “Beach-Paviljoen”, waar je “ongedwongen” loungend op krankzinnige vierkante crapauds een naar bedorven stookolie smakend strandverschrikkertje drinkt. Het wordt allemaal teveel. Langzaam wordt het meer dan een sober, melancholiek mens kan verdragen.

Je wordt steeds stiller. Zwervend over onder zonnehitte zinderende velden, struinend door het helshete witzandige duinlandschap en op hoge blote benen kris kras trekkend over de vloeiende scheilijn tussen onstuimig opbruisend zeewater en stuivend strandzand weersta je een krachtige oostenwind en probeer je ruimte te creëren in je hoofd; ruimte die je nodig hebt om voorgevoelens te analyseren en plannen te maken teneinde komende gebeurtenissen zo goed mogelijk het hoofd te kunnen bieden. Je staat dicht bij de natuur. En hier, op dit eiland, versta je de taal der natuur des te beter. Het lijkt allemaal op zijn eind te lopen. Het hoe, wat en waarom wordt niet duidelijk. Maar een vage, alles doordringende angst begint je denken te beheersen.

De vierde week begint omineus. De hitte stijgt naar ongekende hoogte. De oostenwind valt weg en het felle blauw van de hemel verandert langzaam in melkwit. Die woensdag voert je naar de Oerd, een wild en verlaten natuurgebied van zeewater, zand en verdorrende zoutminnende begroeiing. De meeuwen krijsen de klaagzang van de honger en de verstoorde rust. De branding is verworden tot een nauwelijks merkbaar af en aan bewegen van de waterlijn. De zon brandt een steeds groter gat in de dampkring en langzaam raakt de hemel doorschoten met pulserende purperen, gifgroen en gele lichtverschijnselen. De temperatuur moet boven de vijfenveertig graden Celsius zijn gestegen. Het kan nu niet lang meer duren. De dorpen op het eiland branden, Je ziet mensen het strand op komen strompelen. Sommigen vallen op hun knieën en beginnen hysterisch te bidden. Je beseft dat het Einde is begonnen.

Plots wordt de hemel fel rood-oranje. De temperatuur stijgt naar duizenden graden Celsius. Het laatste dat je ziet is het smeltende vlees van je handen.

Advertenties

5 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

5 Reacties op “Het Einde op de Oerd, Amen-land

  1. Haha. Doet me denken aan Kees het diakenmannetje: Hoe warm het was en hoe ver, uit de camera Obscura.

  2. Sakkerdekrakepit, welk een onheil en dat op een der -voor mij- heerlijkste plekjes van ons land.

  3. Filip

    STRAF , in de twee betekenissen van het woord…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s