Vergelijking tussen de Nederlander nu en de Nederlander in oorlogstijd.

Zo kon het ook!!

Zo kon het ook!!

Omstreeks deze tijd van het jaar moet ik steeds weer denken aan de houding en de stellingname van de Nederlanders tijdens de Tweede Wereldoorlog. Wat dat betreft lijkt het toch waar te zijn wat ik al zo lang vermoedde. Maar eerst nog even wat anders. Iets wat er mogelijk mee te maken heeft. In mijn naaste omgeving, maar ook wat verder weg, hoor ik steeds vaker onaangename geluiden. Stemmen die zinderen van ingehouden woede, stemmen die beven van xenofobe angsten, stemmen die haat spreken en kwaad zaaien. Stemmen van heel gewone Nederlanders, van mensen die in dezelfde supermarkt als ik de boodschappen doen, ook stemmen van mensen in mijn familie, van mensen uit verenigingen waar ik ook lid van ben. Het snijdt me de adem af. Het maakt me angstig, want het zijn stemmen met harteloze, wrede en onverzoenlijke ondertoon. Het zijn de kille genadeloze stemmen van het eigen gelijk. Het zijn de stemmen van een latent fascisme. Het zijn stemmen van heel gewone mensen. Het zijn normale Nederlanders die steeds vaker spreken over haat, vijandschap en liefdeloosheid. En ze weten zich onderling gesteund in hun afkeer van grote groepen medemensen.

In de tweede wereldoorlog was Nederland binnen Europa het land dat verreweg de meeste joden uitleverde aan het nazi-beest. Wat is dat toch met die Nederlanders? Ik sta er overigens wel iets verder vandaan omdat ik half Engels ben. Als ik in Engeland ben hoor ik zulke boze stemmen veel minder. Hoe komt dat toch. Deugt de Nederlander dan niet? Is de Nederlander de vlees geworden angsthaas binnen Europa? Ook waren het de Nederlanders die samen met de Vlamingen in Europa het grootste contingent SS’ers leverden aan de Duitsers. Ik vind dat best wel beschamend. In Duitsland heeft men de oorlog, zoals ik zelf meermalen heb kunnen constateren, goed verwerkt. Men heeft de schuld verinnerlijkt. Men is gelouterd uit de verschrikkingen van de oorlog herrezen. De afschuwelijke schuld wordt manmoedig verinnerlijkt en openbaart zich vandaag de dag in een uiterst humaan en vredelievend overheidsbeleid. Verantwoordelijk voor deze deemoedige, maar o zo dappere houding is een solide onderwijsprogramma en een gezonde confronterende opvoeding.

In Nederland echter niets van dat alles. Net als in Oostenrijk, sluit men in Nederland de ogen voor de ongemakkelijke waarheid. In Nederland heeft de gemiddelde Nederlander het gewoon laten gebeuren. Men blaast wel hoog van de toren op bevrijdingsdag, maar de vuile oorlogswas blijft keurig opgeborgen in de kluizen van een beschamend oorlogsverleden. De gemiddelde Nederlander liet het gebeuren. Joden werden zonder noemenswaardig protest weggevoerd en Nederlandse jongens namen in grote getale dienst bij de Duitse SS.

En wat zie ik gebeuren in deze tijd? Ik zie weer diezelfde, breed gedragen, vijandige houding met betrekking tot alles wat niet Nederlands is. Het spreken van dialecten wordt gekoesterd en bevorderd. Het eigen dorp, de eigen stad, het eigen land komt eerst en alles wat zich daarbuiten beweegt deugt eigenlijk niet of wordt met het grootst mogelijke wantrouwen bekeken. Ik bespeur weer dat volstrekte gebrek aan empathie met verschoppelingen en uitgestotenen en de bijna totale afwezigheid van, vooral emotionele, betrokkenheid bij de zwakkeren in onze samenleving. De Nederlander is alleen nog maar bezig met zichzelf en hoe hij zoveel mogelijk centjes kan verdienen en houden. Het rendementsdenken heeft hem stevig bij de strot. De houding van de meeste Nederlanders is sterk egocentrisch en naar binnen gericht en men vindt alles wat buiten Nederland gebeurt eigenlijk onbelangrijk of raar. Met als uitzondering misschien onze bijna pathologische onderwerping aan en omarming van de super materialistische, uiterst simplistische en anti-intellectuele cultuur van de Verenigde Staten, in VVD-kringen ook wel “Het Beloofde Land” genoemd. Meer dan vijftig procent van de Nederlanders hangt weer het geborneerde, fascistoïde rechtse gedachtegoed aan. Men verdrinkt in vreemdelingenhaat, consumptieverslaving en volstrekt wezenloos entertainment, men exalteert zonder enige terughoudendheid of bereidheid tot relativering de eigen materiële uitmuntendheid en men kijkt met dedain neer op mensen die het, materieel gezien, minder goed hebben getroffen. Men is er trots op een winner te zijn en men schaamt zich als men als loser wordt aangemerkt.

Dat alles vormt een amalgaam van zelfgenoegzaamheid, intellectuele luiheid, geborneerdheid, verwendheid en a-vitaliteit. En dit terwijl er juist zoveel te doen valt om de wereld qua moraliteit op een hoger niveau te brengen. De westerse mens, de Nederlander voorop (vooral de laatste dertig jaar) zwelgt in opulente materiële overvloed maar staat moreel gezien nog steeds in de wankele kinderschoenen. Kennelijk is het dus makkelijker een atoombom te maken dan duurzame vrede te stichten.

En welk vermoeden lijkt nu volgens mij waar te zijn? Veel Nederlanders hebben bij tijd en wijle de mond vol van de Nederlandse identiteit. Die identiteit moet dan natuurlijk wel iets zijn waarop je trots kunt zijn. En uiteraard zijn er wel degelijk zaken in Nederland waarop je trots kunt zijn. Alhoewel ik “trots” al weer een beetje een raar en maar al te vaak misbruikt woord vind. “Trots” wordt door veel mensen maar al te gauw verbonden met een eng soort Blut und Boden – ideologie, met een perfide soort Nationalisme. En dat moeten we niet willen.

De Nederlander is een koopman. In het leven van de koopman speelt geld een alles bepalende rol. Omdat de Nederlander altijd zo innig met geld bezig is, steeds in de weer om met handigheidjes, mooie praatjes en, soms zelfs, met regelrecht bedrog, de ander geld afhandig te maken, omdat hij dus voortdurend volstrekt monomaan bezig is met manieren om winst te maken, is het vrijemarkt-denken bij wijze van spreken diep in zijn DNA verankerd. Deze dynamiek had in Europa mede tot gevolg dat de Nederlander, overigens net als de Schot, als uitermate gierig werd getypeerd. Het vrijemarkt-denken vereist een bepaald soort mens. En de Nederlander is zo’n soort mens. In de middeleeuwen, maar vooral in de Gouden Eeuw kon dit soort mens tot volle wasdom komen. Door de industriële revolutie werd deze dynamiek nog eens, bijna exponentieel, versterkt. Verering van mammon als enige zingeving in het leven. Langzaam werden de regels van de Christelijke religie, aanvankelijk op zeer cryptische en informele wijze, aangepast aan de eredienst van de Geldgod. Door de ontzuilende secularisering van Nederland kon het juk van de hypocrisie worden afgegooid en werd de weg vrijgemaakt om zich met open vizier en met hart en ziel te wijden aan de god van geld en woekerwinst. Die kans lieten de meeste Nederlanders niet voorbij gaan. De drang en dwang om moreel-ethisch te handelen t.a.v. de medemens verdween als sneeuw voor de zon. De meeste Nederlanders werden bijna allemaal fanatieke adepten van het liberalisme en het kapitalisme. Naast gierigheid konden in toenemende mate onverschilligheid, wantrouwen en vooral rabiaat egoïsme tot volle wasdom komen. Akelige eigenschappen die vroeger door de religie nog werden verhuld konden nu zonder schaamte of terughoudendheid, open en bloot door iedereen in de praktijk worden aangewend.

De huidige ethische en morele erosie die wordt veroorzaakt door de steeds minder getemperde en gecontroleerde werking van het kapitalisme heeft, vooral na de Tweede Wereldoorlog het grootste gedeelte van de Nederlandse bevolking teruggebracht tot materialistische, onverschillige, egoïstische en dwangmatig calculerende consumptieverslaafden. Ik vind dat niet leuk. En ik ben er ook niet fier op.

Collectieve eigenschappen die vele eeuwen al onderhuids aanwezig waren treden nu, na de ontzuiling en de onstuitbare opkomst van het neoliberalisme, onverhuld en virulent aan het daglicht en drijven Nederland steeds verder naar een liefdeloze en intolerante samenleving van rendementsbeluste materialisten naar Amerikaans model.

Het is deze wijd verbreide harteloosheid, onverschilligheid en bijna ziekelijke angst om geld, bezit en sociale status te verliezen die ervoor zorgen dat Nederland er misschien verstandig aan doet om zijn mond te houden als het gaat om moed, wijsheid en medemenselijkheid. Want Nederland is en blijft de bakermat van het kapitalisme (VOC) en gezien de historisch-economisch gevormde aard van zijn bevolking is dat, zoals reeds gezegd, helemaal niet verwonderlijk en volgens mij dus helemaal niet iets om trots op te zijn.

Het valt te hopen dat de Nederlander zich in de toekomst van een betere kant gaat laten zien.

NB. En ja, er zijn ook hele lieve en betrokken Nederlanders. Zeker, gelukkig zijn die er ook. Maar ik ga dat dus niet steeds zeggen. Want dat spreekt, wat mij betreft, vanzelf. Het gaat mij uiteraard om de meerderheid der Nederlanders die niet lief en betrokken zijn, die niet empathisch en vredelievend zijn, en van wie Nederland in de toekomst eigenlijk niets goeds te verwachten heeft.

Advertenties

3 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

3 Reacties op “Vergelijking tussen de Nederlander nu en de Nederlander in oorlogstijd.

  1. Vandaag in Amsterdam geweest en het joods museum etc. bezocht. Maakte diepe indruk. Altijd weer. En het is des te meer aansporing om het heden goed in de gaten te houden. Kennelijk is de mens tot alles in staat, ook tot het afzichtelijke slechte!!

  2. Afhankelijk van mijn humeur kan ik erg pessimistisch naar Nederlanders kijken.
    Gelukkig lopen hier veel jongeren rond.
    Daar ben ik dan weer heel optimistisch over.

    Vriendelijke groet,

  3. Geld is niet adembaar, geld is niet drinkbaar noch eetbaar….

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s