Maandelijks archief: juni 2015

“The Girl on the Train” van Paula Hawkins. Dat kan beter!

Ik hoop dat de film beter is dan het boek.

Ik hoop dat de film beter is dan het boek.

Wat ben ik blij dat ik dit boek uit heb!! Het komt niet vaak voor dat ik een echt slecht boek lees. Nou ja, misschien dan met uitzondering van dat rare boek van Terry Hayes (“Ik ben Pelgrim”). Ik dacht dat het echt niet slechter kon. Maar dan komt Paula Hawkins op de proppen met haar thriller.

Het boek, ik heb het in de Engelse taal gelezen, is een kwelling. Het Engels is een soort jip-en-janneke-Engels en de hoofdpersonages zijn bijna stuk voor stuk volstrekt gestoorde geesten. Nou kan dit heel goed komen omdat ik meestal non-fictie lees in de Engelse taal (filosofie, geschiedenis en natuurkunde) waardoor ik een zekere moeilijkheidsgraad wel gewend ben. Maar het simpele en kinderlijke Engels van Paula Hawkins slaat, zelfs objectief gezien, werkelijk alles. De vertalers hebben hun geld makkelijk verdiend, want ik heb begrepen dat het inmiddels ook is verschenen in de Nederlandse taal.

Het is een krankzinnig boek. Met een onwaarschijnlijke, bizarre plot. Het boek is dus slecht geschreven. De hoofdpersonages zijn in hun gestoordheid volstrekt inwisselbaar. Ze praten allemaal op dezelfde vlakke manier. Er is geen enkele diepgang in het verhaal te bespeuren.

De hoofdpersonages handelen allemaal even slecht of even goed, zo u wilt, en de kwestie van moraliteit speelt geen enkele rol in dit boek. Ja, misschien de moraliteit van de gemiddelde boerenlul, maar in feite kun je dat bijna geen moraliteit noemen. Wat dat betreft kun je net zo goed naar de eerste de beste realitysoap kijken. Totaal niet boeiend!!

Het verhaal zit niet logisch in elkaar. Toevalligheden en stoplappen ontsieren het bizarre verhaal steeds meer en meer. Ik denk dat dit boek aangeduid dient te worden met de kwalificatie ‘stuiversroman’ . Van dit soort boeken zijn er al vele miljoenen geschreven en zullen er in de toekomst nog vele miljoenen meer worden geschreven.

Spannend is het boek ook niet, want ik had na een paar bladzijden al in de gaten wie het had gedaan. In het boek is geen kantelpunt te ontdekken. Ik weet niet wie Paula Hawkins is, maar het lijkt mij een nog net niet middelbare vrouw met een morbide fantasie en een godsgruwelijke hekel aan mannen. Maar afijn, dat doet er eigenlijk helemaal niet toe. “The Girl on the Train” zie ik gewoon als een bar slecht geschreven, modieus en gemaniëreerd boek. En het zou me niets verbazen als het door de meeste lezers zal worden beschreven als een prachtige, van spanning zinderende, literaire thriller. Ja, mensen, zeg dat wel, smaken kunnen verschillen.

Het boek raakt mij namelijk totaal niet. Ondanks dat, heb ik dit wangedrocht met veel pijn en moeite uitgelezen, omdat ik nou eenmaal de krankzinnige gewoonte heb om elk boek waar ik aan begin, hoe slecht ook, gewoon uit te lezen. Mijn mening is dat niet elk boek dat wordt geschreven ook maar meteen uitgegeven moet worden. Het literaire landschap wordt al genoeg vervuild. Hou het klein en dicht bij jezelf. Val andere mensen er niet mee lastig. En een klein beetje zelfkritiek bij het schrijfproces doet dan soms al wonderen.

Ik vind dat we hier te maken hebben met een totaal ongeloofwaardig misbaksel, zonder welke boodschap dan ook ( dat vind ik overigens niet erg en eigenlijk best wel aangenaam).

Stilistisch en qua taalgebruik is deze roman echt waardeloos. Je leest het boek en na een uur ben je alles (goddank) al weer vergeten. Zo’n soort boek vind ik het eigenlijk.

NB. Inmiddels heb ik begrepen dat het boek overal juichend is ontvangen, hetgeen wederom de constatering bevestigd dat de wereld en ik steeds verder uit elkaar groeien. Ik vind dat helemaal niet erg.

Advertenties

1 reactie

Opgeslagen onder Uncategorized

Voor ‘opvoeden’ is (helaas) geen diploma nodig.

50 kleuren groen. Dit is wat men tegenwoordig een saaie foto noemt.

50 kleuren groen. Dit is wat men tegenwoordig een saaie foto noemt.

 

 

Over opvoeding valt kennelijk heel wat te zeggen. Men vliegt elkaar bij voortduring in de haren en men weet het natuurlijk altijd beter. De een wil streng zijn. De ander wil anti-autoritair zijn. En dan met alles wat er zoal tussen ligt.

Inmiddels weet ik mij omringd door twee dochters en vier kleinkinderen. De twee dochters mocht ik begeleiden naar volwassenheid. Van de vier kleinkinderen geniet ik momenteel met volle teugen en zo nu en dan ben ik zijdelings betrokken bij hun opvoeding.

Bij de opvoeding van de dochters zijn wij uitgegaan van een liefdevolle en volstrekt onbaatzuchtige grondhouding. Dat klinkt rationeel maar ging eigenlijk, net als bij de meeste ouders, vanzelf. Wij, mijn echtgenote en ik, beseften al snel dat de voorbeeldfunctie in de opvoeding een cruciale rol speelt. Praatjes vullen nou eenmaal geen gaatjes. Kinderen kijken naar wat ouders doen, hoe ze zich tot elkaar verhouden en hoe ze handelen en denken in het leven van alledag.

Kernwaarden binnen een opvoeding zijn mijns inziens, liefde, heel veel liefde, empathie, zelfdiscipline, doorzettingsvermogen, empathie en een aanzet tot milde ascese. Maar met liefde heb je eigenlijk al alles beschreven. Het is een onmisbaar begrip bij de begeleiding van het kind naar noodzakelijke zelfreflectie, naar humor, verantwoordelijk gedrag t.a.v. de medemens, creativiteit en de milde ambitie om cognitieve en emotionele vaardigheden te ontwikkelen waarmede je later, in je volwassen leven, de scherpste kantjes van het ‘lijden’ kunt afslijpen. Liefde dient te allen tijde te prevaleren boven aanwending van brute liefdeloze macht.

Je hoeft geen vriendjes te worden met je kinderen. Natuurlijk niet! Maar als bijproduct van de opvoeding is het mooi meegenomen. De taak als ouder behelst mijns inziens veel meer dan vriendschap. De taak als ouder dient voor 100% te zijn gebaseerd op liefde en onbaatzuchtigheid. Ouders dienen hun kind een veilige, uitdagende (mijn hemel, wat vind ik dat toch een afschuwelijk managers-woord!) en een liefdevolle omgeving te bieden. De weg naar volwassenheid gaat gepaard met het overwinnen van dat vervelende, eisende en maar doordrammende super ego met als doel te komen tot een eigenstandige, verantwoordelijke, liefdevolle en empatische persoonlijkheid. Het kind dient op geleide van het leven van alledag en met behulp van de rolmodellen van de ouders uit te groeien tot een persoon met een solide ethische basis, met een grondig geïnternaliseerd pakket aan waarden en normen. Een pakket waarvan liefde en verantwoordelijkheidsgevoel altijd de basis dienen te zijn.

De actuele discussie over de gewenste grondslagen voor de opvoeding doet mij huiveren. Er zijn mensen die, mijns inziens geheel ten onrechte, in de opvoeding eenzijdig de nadruk leggen op ambitie, competitie, op het leven als voortdurende strijd met de concurrentie hetgeen al snel leidt tot kritiekloze zelfverheerlijking en moeilijk te onderdrukken superioriteitsgevoelens. Het abominabele resultaat van dergelijke opvoedingen zien ik helaas elke dag om mij heen! Ook zijn er mensen die het schadelijke, destructieve en vaak religieus geïnstigeerde conformisme van de schaamtecultuur willen laten prevaleren boven het primaat van liefde. Zo’n weg leidt naar onthechting, wreedheid en vervreemding. Zo’n weg moeten wij niet willen gaan. Het is uiteraard veel moeilijker om steeds in zinvolle en redelijke discussie te blijven met je kinderen, veel moeilijker dan op basis van macht en repressie je eigen leven te vergemakkelijken ten koste van het latere welzijn van je kinderen. Maar mijn advies is om toch maar die moeilijke weg te gaan.

3 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Mark Rutte, een godsgeschenk!!!

Het VVD-congres danst!

Het VVD-congres danst!

 

En daar stapte hij parmantig over het toneel heen en weer. De lieveling van het Nederlandse volk. De goedlachse, aimabele minister-president met voor iedereen een opbeurend woord of een vrolijke kwinkslag. Maar er waren natuurlijk ook best wel ergernis gevende dingen. Die moeten ook benoemd worden.

Luister nou eens even, zei hij, ga nou niet meteen naar het UWV om om een uitkering te schooien, maar ga alsjeblieft linea recta naar uw arbeidsbemiddelaar of voor mijn part naar die gezellige, snelle jonge mensen van Randstad om meteen weer zo’n fijne job (job = een ander modieus en trendy woord voor werk) te bemachtigen. Hij wist dat sommige onrendabelen het telefoonnummer van het UWV al bij de hand hadden. Voor als er wat gebeurde, dan konden ze meteen gaan bellen. Is dat niet walgelijk?? Het geld komt later wel. Eerst de job natuurlijk en dan pas het geld. Bovendien, zei hij, is het uitkeringsgeld van het UWV afkomstig van alle keihard werkende mensen in Nederland. Denkt u dat die het fijn vinden om meteen voor u te gaan betalen als u werkloos bent geworden. Kom nou!, natuurlijk niet. Weet u wat die keihard werkende Nederlander wil zien, die wil gewoon zien dat u als de gesmeerde bliksem naar uw arbeidsbemiddelaar loopt om om een leuke job te smeken. Niks ‘tussen twee banen in’, dat willen wij, de vlotte jongens en meiden van de VVD, niet horen. Wij willen daadkracht zien. Wij willen uitgedaagde mensen zien. Van die leuke, consumptie-bereide, kritiekloze, vrolijke mensen, die uit eigener beweging in plaats van 8 uur per dag wel 14 uur per dag willen werken voor het zelfde geld. Dat is pas commitment, dat is pas spekkie naar ons hebzuchtige bekkie.

En nu we toch zo lekker bezig zijn, wat dacht u van mensen die steeds maar weer zeuren over het feit dat ze nog 10 jaar moeten werken tot hun pensioenering. Wat dacht je van zulke misselijk makende uitvreters? Daar wordt je toch niet goed van. Beseffen die mensen wel welk een energie trekkende werking zij hebben op al die keihard werkende Nederlanders. Gadverdamme, ik word er helemaal niet goed van.

Het VVD-publiek klapte zijn handen bijkans kapot. “Dat is hem, dat is onze man. Welk een kracht straalt hij uit! Welk een ondernemingsdrift!! En nogmaals klaterde het geestdriftige applaus op tegen het gebinte van de feestzaal.

En dan nu,….. polonaise!!, schalde de licht hysterische, en door de microfoon overstuurde, stem van de minister-president over de goed gekapte hoofden van de economische elite.

En als één man rezen de aanwezigen uit hun zetels, vatten elkaar bij de schouders en schuifelden in optocht door de zaal. Het bleef nog lang onrustig in en om het gebouw. De gealarmeerde politie hoefde gelukkig niet in actie te komen.

2 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Mijn toevallige ontmoeting met een onvervalste misantroop: “ Waarom voel ik me nooit op mijn gemak in de buurt van mijn medemensen? ”

totale

De mensenhater wordt door de wereld bestolen.

Eigenlijk nog niet eens zo lang geleden kwam ik op een van mijn vele zwerftochten langs bos en heide een wat oudere man tegen. We geraakten met elkaar aan de praat, hetgeen eigenlijk best wel bijzonder was gezien het hierna volgende. Van het een kwam het ander en zo kon ik deze arme en getormenteerde ziel verleiden tot een verbazingwekkende bekentenis. Hieronder staat geschreven, in de vorm van een door mij geredigeerd verhaal, wat hij me zoal toevertrouwde daar op dat rustieke bankje op de heide met dat adembenemende uitzicht over bijna de ganse Veluwe:

Hoe komt het toch dat ik me altijd zo ongemakkelijk voel in het gezelschap van andere mensen? Als ik er goed over nadenk, zonder mijzelf daarbij te sparen, dus door heel eerlijk te zijn, dan zijn er, denk ik, twee factoren die mijn extreme ongemak veroorzaken. De eerste factor is angst. Angst voor andere mensen. Ik heb namelijk in mijn achterliggende leven kunnen constateren hoe wreed, liefdeloos en keihard andere mensen kunnen zijn. Er zijn zelfs medemensen die er bijzonder veel genoegen in scheppen, er een eer in stellen, om keihard, wreed en liefdeloos te zijn. Dat heeft te maken met hun drang naar macht. Kent u Nietzsche?? Kent u Ayn Rand??? En kent u mensen die dwepen met die personen? Ik bedoel maar! Sterk is goed en zwak is slecht.

Die andere mensen waar ik zo bang voor ben, mijn medemensen dus, zijn bijna altijd verzot op persoonlijke macht. Op keiharde, niets ontziende macht. Hoedt u voor deze machtswellustige mensen, zou ik willen zeggen. Zij willen u diskwalificeren, zij willen u reduceren tot een gebruiksvoorwerp, tot een middel waarmede zij hun materialistische, hedonistische doel denken te bereiken. Even samengevat. In mijn ziel huist dus angst voor alle medemensen die niet het goede met mij voor hebben. En dat zijn er nogal wat!! Al die medemensen die over mij oordelen, macht over mij uitoefenen en zich superieur achten t.a.v. mijn persoon. Nu zult u denken wat een vreselijk leven moet die man wel niet hebben gehad om zo somber te denken. Maar niets is minder waar. Mijn leven kenmerkt zich namelijk door buitenproportioneel veel geluk, door een goede gezondheid, door meer dan gemiddelde creativiteit en door volstrekte afwezigheid van allerlei akelige ‘life-events’. ‘Een leien dakje’ mag ik wel zeggen. Elke dag weer maak ik muziek, schrijf ik de sterren van de hemel en dwaal ik intermitterend door die prachtige natuur. Het enige dat mij enorm dwars zit is dus de ergerlijke aanwezigheid van mijn medemens.

Okay, en dan is er nog iets. Door mijn genetische aanleg, mijn opvoeding, maar ook door de invloed van mijn directe leefomgeving heb ik me helaas ontwikkeld tot een medemens met een licht narcistische karakterstructuur. En we weten allemaal dat dit soort mensen zich zeer snel gekwetst voelt. Mijn persoonlijkheidsstructuur speelt derhalve en ontegenzeggelijk ook een belangrijke rol. Hier hebben we dus nog een factor. Er zijn dus geen twee maar zelfs drie factoren. Sodeju!!!

En dan die derde factor dus, dat is namelijk mijn milde minderwaardigheidscomplex. Ik voel mij tegenover zoveel tentoongespreide wreedheid, machtswellust en slechtheid, altijd in het niet vallen bij mijn ambitieuze en competitief ingestelde medemens. Het maakt dat ik mij vaak volstrekt machteloos voel. Ik mis nou eenmaal die, voor het volle leven noodzakelijke, perverse en kille persoonlijkheidskern om keihard en wreed door te pakken teneinde mijn medemens te kunnen vernederen. Het gaat hier natuurlijk om de “ultieme culturele, sociale en economische onderwerping/vernedering van de zwakkere medemens”, het perfide en anti-sociale mechanisme bij uitstek,  dat altijd weer moet strekken tot meerdere glorie van de ambitieuze, competitieve en borstkloppende geweldenaar. Het maakt onlosmakelijk deel uit van de algehele pathetische worsteling van deze uiterst onsympathieke ‘Übermensch’ en wordt a.h.w. ‘getriggerd’ door de vermeende ‘heroïsche’ uitdagingen waarvoor hij zich in dit leven steeds weer meent te zien gesteld. Ik mis dus doodeenvoudig het instrumentarium dat tegenwoordig, in deze fijne neoliberale ambiance, nodig is om mijn medemens te kunnen kleineren en totaal kapot te kunnen maken. En dat is dus eigenlijk een gemis, een ernstige karakterfout, volgens de medemensen van de buitenwereld. Zonder wreedheid en hardheid kun je geen partij zijn op het slagveld van marktgerichte legers.

Drie factoren dus, drie oorzaken: angst, een virulent minderwaardigheidscomplex en een licht narcistische persoonlijkheid. Maar er wringt iets. Ik probeer wel eerlijk te zijn, maar ik vergeet iets. Ik moet wel echt eerlijk zijn!!! Er is van mijn kant net zo goed sprake van latente agressie naar mijn afgestompte en dolgedraaide medemensen. “Afgestompt en Dolgedraaid” zijn mijn woorden. Ja, godverdomme, dat zijn helemaal mijn eigen woorden, mag het alsjeblieft? Maar waarom toch altijd weer die agressie? Welaan, die agressie is voor mij functioneel omdat ik mij niet laat piepelen door allerlei klootzakken die zich mijn medemensen noemen maar die in feite niets anders zijn dan de spreekwoordelijke wolven in schaapskleren. Het zou me niets verbazen als ik ze zou kunnen missen als kiespijn. Ze vergallen voortdurend mijn leven en ze zijn in mijn ogen geen knip voor de neus waard. Zo dat is dan weer andere koek.

En…weg zijn opeens alle drie factoren. Terug is mijn gebruikelijke onsympathieke arrogantie. Ik weet zeker dat ik gelijk heb. Mijn medemensen zijn in feite niet te pruimen, niet te vertrouwen. Mijn medemensen zijn geraffineerde consumptieverslaafde zombies die, louter en alleen al door er te zijn, mijn leven verpesten. Rot toch op, laat me met rust, val me niet lastig met je leugens en je geheime agenda’s. Heel gauw wegwezen dus!!!!! Toedeledoki!!

En dan nu het grote misverstand. Ik heb het dus wel voortdurend over mijn vreemde wrede medemens, maar die medemens bestaat voor mij eigenlijk helemaal niet. Er is soms, misschien, heel in de verte, sprake van een storende factor die je medemens zou kunnen noemen. Maar de importantie die ik toeschrijf aan mijn medemens is in feite een illusie. De betekenis die ik toeschrijf aan mijn medemens bestaat helemaal niet. De medemens is voor mij volstrekt irrelevant. De medemens is voor mij net zoveel als een lastige mug. En andersom ben ik voor mijn medemens uiteraard ook totaal irrelevant. Wij raken elkaar bijna nergens. Wij dichten elkaar een belang toe dat er niet is.

Ik kan natuurlijk alleen voor mezelf spreken. En dat doe ik graag! Ik besta, dat is zeker. En het feit dat ik besta vind ik fijn. Ik geniet van het leven. Ik hou van de natuur. Ik maak graag muziek. Ik schrijf. Etc.etc.!!! Alles wat met creativiteit te maken heeft, mag zich verheugen in mijn belangstelling. Mijn medemens echter heeft daarin totaal geen plaats. Voor mij is hij/zij bijna altijd een storende factor (een lastige mug) aan de zijlijn. Ik heb een uitgesproken afkeer van de leugenachtige, bemoeizuchtige medemens en daar komt ook nog eens bij dat ik totaal niet in hem geïnteresseerd ben. Ik ben goddank niet bekend of beroemd, er valt niets aan mij te verdienen. Het loont de moeite niet om mij te bedriegen of te bestelen. Ik beschouw mijn medemens voornamelijk als een onsympathieke stoorzender. De gemiddelde medemens is bot, anti-intellectueel, oppervlakkig, gierig en laf.

Maar het vervelende is dat ik voor mijn dagelijkse behoeften toch niet zonder die gemiddelde medemens kan. En dat ergert me bovenmate. Eigenlijk meer dan ik kan zeggen. Deze malicieuze en perfide medemens is dan ook nog eens, vaak tot vervelens toe, het mistroostige onderwerp van mijn abstracte creatieve activiteiten.

In levende lijve, echter, als hij te dichtbij komt, groeit deze, sowieso al satanische medemens met zijn listig verborgen, rottende last van inherente wreedheid, koude ongeïnteresseerdheid en agressieve gewelddadigheid, uit tot een immens angstaanjagende bedreiging . Ik blijf derhalve liever zoveel mogelijk bij hem uit de buurt. En dat is niet makkelijk in een land met een buitenproportionele bevolkingsdichtheid van 500 mensen per vierkante kilometer.

En al die factoren vormen een grote factor. En die factor ben ikzelf met alles erop en eraan. Geen fraai gezicht. Een arrogante kluizenaar-achtige levensgenieter met een sterke afkeer van zijn medemensen. Eigenlijk kan het niet gekker.

Dus wat dat betreft ben ik een rare. Ik ben pas gelukkig als ik zo min mogelijk in aanraking kom met mijn medemens. Dat ben ik normaal gaan vinden.

Maar u, zo bemerk ik, vindt mijn afhoudende, onsympathieke en misogyne stellingname kennelijk behoorlijk bizar en weltfremd. Enfin, even goede vrienden. Het was mij, ondanks alles, een waar genoegen, een luisterend oor te hebben gevonden voor al mijn frustraties en rancune. Ik wens u verder nog een fijne dag toe.”

Aldus het mistroostige verhaal van die wonderlijke, veel rust uitstralende, kompaan.

Nog lang bleef ik nadenken over wat deze, eigenlijk best aardige en vriendelijke man mij vertelde. Sommige dingen herkende ik zelf ook wel. In andere door hem genoemde zaken kon ik mij niet echt inleven. De vervreemding die uit de inhoud van zijn woorden bleek, sprak mij wel aan. Maar het gebrek aan liefde deed mij toch huiveren. Bovendien vond ik dat de oude man zichzelf een importantie toedichtte die mijns inziens niet overeenkwam met de werkelijkheid. De man ging uit van de wenselijkheid dat zijn medemensen hem in feite zouden moeten waarderen vanwege de ware aard van zijn natuur, om de authentieke hoedanigheid van zijn persoon. Dat is een levensgroot misverstand. Meestentijds is de gemiddelde medemens slechts dan meer dan gemiddeld geïnteresseerd in een medemens als hij/zij er materieel of immaterieel beter van kan worden. En zeker niet om reden van een diep gevoelde, onbaatzuchtige en liefdevolle belangstelling voor de werkelijke hoedanigheid van deze misantroop. Overigens iets dat hij door zijn norse afwijzende attitude ook volstrekt niet opriep. De meeste mensen (vooral mensen met een narcistische inslag) zijn nu eenmaal geneigd om de waarde die zij voor andere mensen menen te hebben chronisch te overschatten. Dat heb ik de misantroop ook verteld. “Het zal wel”, antwoordde hij.

Ik zelf denk dat de waarheid inzake in het midden ligt. Er zullen altijd mensen zijn waarvoor je op je hoede zult moeten zijn. Maar er zijn, volgens mijn eigen ervaring, nog veel meer mensen die altijd proberen om vanuit een liefdevolle grondhouding hun naasten te benaderen. Desondanks was het voor mij een bijzondere en wonderlijke ontmoeting dewelke mij weer iets dichter bij de ontsluiering van de werkelijkheid en het mysterie genaamd “Mens“ heeft gebracht.

6 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized