Maandelijks archief: december 2014

Mijn Nieuwjaarswens voor 2015.

Uren, dagen, maanden, jaren, vliegen als een schaduw heen!!

Uren, dagen, maanden, jaren, vliegen als een schaduw heen!!

Wat men kennelijk wil is erkenning, respect, bewondering, waardering en liefde van anderen. Het moeten altijd de anderen zijn die moeten leveren en het is het onvolwassen ego dat maar steeds wil ontvangen. Dat zich wil wentelen en koesteren in de bewondering van anderen. Dat is ziek. Heel erg ziek. Boeddha zegt daarom wat anders. Boeddha zegt dat u al die begerenswaardige zaken aan u zelve moet leveren. Boeddha zegt dat u niet van die ander afhankelijk moet zijn. Het voortdurend maar met jezelf bezig zijn maakt op den duur doodongelukkig. Er zijn veel interessantere zaken dan het verwennen en pamperen van je eigen persoon. Bovendien, wat een ander met betrekking tot jouw persoon vindt, denkt, doet of beweert is in feite volstrekt irrelevant.

Het “zelf “ willen ontplooien en koesteren als een egoïstische, eisende en aandacht vragende entiteit is een teken van een behoorlijk gestoorde karakterstructuur. Zo’n “zelf” leidt vrijwel automatisch tot een gestrest en akelig leven. Zo’n leven is een recept voor “lijden”. Probeer het “zelf” te vergeten en denk groter dan je eigen kleine miezemuizerige en uiterst sneue wereld van hebzuchtig verlangen en benauwende doodsangst. In feite is het “zelf” de bron van bijna alle kwaad.

Het leven is alles en alles is het leven. Alles gebeurt in het hier en nu. Toekomst en verleden zijn onlosmakelijk verbonden met het hier en nu. Verleden, heden en toekomst vormen samen een illusie die tijd heet en die slechts bestaat bij de gratie van het menselijke zelfbewustzijn. Een illusie die oplost in het begrip eeuwigheid.

Waar draait het allemaal om? En waarom?

Het zou de homo sapiens moeten gaan om het waarachtige “zien”. Het gaat om ultiem en alles overstijgend inzicht. Er is verandering die geen verandering is. Er is geen begin en er is geen einde. Er is slechts iets wat we “zijn “ noemen. We begrijpen “zijn” omdat er kennelijk ook een “niet-zijn” is. Maar op die manier maken we “niet-zijn” ook weer tot een “zijn”. Al deze woelingen vinden plaats in het “zelf”. Het “zelf” schept afstand tot het “niet-zelf”. Echter, het “niet-zelf” kan alleen maar vorm krijgen, betekenis krijgen middels het “zelf”. Het “zelf” en het “niet-zelf” vallen als het ware samen. Versmelten. Zijn één geheel. Het “zelf” is de door ons gepercipieerde, vorm gegeven, werkelijkheid. Het “zelf” valt samen met de totale werkelijkheid. Wij zijn zelf de totale werkelijkheid. Het zelf bestaat niet. Er is alleen “zijn”. Het zelf manifesteert zich weliswaar als een fragment maar is natuurlijk de totale werkelijkheid. Dat alles en iedereen overstijgende inzicht en het inherente besef van een totale en enige werkelijkheid noemen we Nirwana.

Maar de gewone mens werpt al deze onzin resoluut terzijde en noemt zich graag realist. Geen zweverij voor deze keiharde werkers die rechtdoorzee aan iedereen die het maar wil horen, vertellen dat zij echt wel wat anders en belangrijkers te doen hebben dan na te denken over de zin van het leven. De gewone realistische en materialistische mens heeft maar een paar drijfveren: zijn existentiële angst voor de dood en de daaruit voortvloeiende hebzucht, zijn praalzucht, zijn latente afgunst en zijn laaiende, alles verterende ambities. De gewone man wil steeds beter zijn dan de andere gewone man. Beter, vrolijker, mooier, rijker en intelligenter (slimmer heet dat tegenwoordig). Hij leeft met zijn hele wezen binnen het spanningsveld van prestaties, afgunst, jaloezie en opschepperij. En wordt hij daar gelukkiger van? Als je hem zelf moet geloven, natuurlijk wel. Maar als je, zo objectief mogelijk, naar de werkelijkheid kijkt is van die superieure, gelukkig makende leefwijze in zijn bestaan van alledag, niet echt veel te bemerken. Uit statusoverwegingen dicht de gewone man zichzelf heel veel geluk, goede eigenschappen en specifieke vaardigheden toe, en denkt hij dat zijn medemens doodongelukkig is. Ik ben okay, jij bent niet okay. De gewone man leeft bij gratie van de groep. Hij leeft volgens de wetten van de groep en hij wordt in het vigerende economische systeem dusdanig gehersenspoeld dat hij ook niet anders meer kan. Alles draait om groter, meer, beter, glimmender en vooral jonger. De individuele authenticiteit verdwijnt en daarvoor in de plaats komt een raar soort trendy en modieus na-apen op geleide van al die vervreemdende egalitaire en conformistische mores van de peergroup. Dat is het leven van de gewone westerse mens. Een super materialistisch leven binnen een destructief economisch systeem. Een perfide systeem dat de aard en de kwaliteit van het bestaan van die gewone man bijna geheel dicteert. Een systeem waarbinnen de gewone mens wordt afgescheept met de moderne variant van “Brood en Spelen”.Tragisch en uitzichtloos. Een leven van strijd, lijden, machtswellust en smachten naar liefde en erkenning van de ander. Verreweg de meeste mensen weten eigenlijk niet beter.

Deze jammerlijke gang van zaken vloeit onvermijdelijk voort uit de decadente exaltatie van het zelf, uit de vaste overtuiging van het “IK” dat het hele leven bestaat uit strijd, lijden en een onophoudelijke streven naar liefde en waardering van de ander. Uit de overtuiging dat het ‘later’ vast wel beter gaat worden. Later als aan allerlei materiële voorwaarden is voldaan. Een ‘later’ dat uiteraard nooit zal komen.

Hoe veel vrediger en harmonieuzer wordt het leven niet als je die strijd en al dat lijden achter je kunt laten. Als je tot inzicht komt dat het leven een onlosmakelijk onderdeel is van de eeuwigheid en dat je leven, ook dit leven, eeuwig zal voortduren, gewoon omdat het onderdeel uitmaakt van een onverbrekelijke en eeuwige totaliteit. Ontworstel je eigen “zelf” aan de tijdelijkheid van dit banale en destructieve leven en plaats dit “zelf” als de flonkerende diamant die het in werkelijkheid is, in de alles omvattende kroon van het eeuwige “zijn”.

Ik wens u een prettig Nieuwjaar en ik hoop dat u zich een beetje kunt onthechten m.b.t. de vaak ziekmakende en overbodige turbulentie van dit rare, puur materialistische, westerse bestaan. Laten we dit jaar de decadentie een halt toe roepen. Gelukkig zijn er al grote groepen jonge mensen die er ook zo overdenken en dat geeft hoop op een betere toekomst.

Advertenties

5 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

VVD en PvdA. Heren en Knechten.

Kruiperig. 2014

De VVD bepaalt de agenda en de PvdA mag zo nu en dan vragen of het iets minder kan met de marktwerking, met de privatisering en in het algemeen met het najagen van winst en persoonlijk profijt. Ook binnen de top van de PvdA is het woord “solidariteit” inmiddels besmet geraakt. Ook de vroegere arbeiderszonen en dochters hebben aan het grote geld en aan de macht geroken. Zaken waarover vroeger, tijdens hun vroege jeugd, door vader en moeder met een soort jaloerse en agressieve grondtoon werd gesproken. Zaken die zij natuurlijk wel stiekem en in het geniep, ondanks alle ontkenningen naar hun proletarische peergroup toe en ondanks eindeloze herhalingen van de mantra “geld maakt niet gelukkig”, sterk begeerden.

Het partijkader van de PvdA kan heel erg goed opschieten met de machtswellustige en vermogende mannen/vrouwen van de VVD. Die mannen/vrouwen zijn hun rolmodel. Zo cool en optimistisch zouden zij ook wel willen zijn. De oer-VVD’er als wenselijk mensbeeld voor alle hoogopgeleide PvdA’ers. Het ideaal is je te kunnen bewegen in die echte wereld van glamour en glitter. Dus, na enige doeltreffende cursussen hoger management, zo snel mogelijk je beschamende ideologische veren afschudden en herrijzen als een strakke, filosofisch volstrekt kale, neoliberale vechthaan. Meneer Kok, meneer Bos, meneer Samson en meneer Ascher hebben het goed begrepen. Wegvluchten uit die armoedige socialistische spruitjesgeur en sociaal stijgen met de ontsnappingssnelheid van een Sojoez-raket.

Ja, en dan samen met je helden, regeren in een flitsend kabinet. Knopen doorhakken. Die vermaledijde verzorgingsstaat om zeep helpen en werken, werken en nog eens werken. Ruim baan voor het bedrijfsleven zijnde de kurk waar de hele samenleving op drijft. Prachtige kosten-batenanalyses maken, je geld tellen, keer op keer snoeien, bezuinigen en zorgen dat jezelf niets tekort komt. Wetten aannemen waardoor je werknemers berooft van een fatsoenlijke rechtspositie maar die jou in staat stellen om mensen veel makkelijker te ontslaan zodat je nog meer winst kunt maken, zodat je nog rijker en machtiger wordt,waardoor je nog meer sociaal aanzien verwerft. Wat een heerlijk en veilig gevoel om als sociaal gestegen en hoog opgeleide arbeiderszonen en dochters samen te mogen werken met de fine fleur van het conservatieve neoliberale uitbuitersschoelje dat in Nederland de economische lakens uitdeelt. En natuurlijk altijd “Atlas Shrugged” en “The Fountainhead” van Ayn Rand binnen handbereik op je nachtkastje. “Greed is good”, zo zeggen ook de kanjers van de VVD en zij laten zien dat het waar is! Als je iets wilt dan kun je het ook!

Alles doen wat de baas zegt en niet blaffen, want dan wordt het baasje heel erg kwaad en dan zou het zomaar eens een keer afgelopen kunnen zijn met die prettige top-down samenwerking.

Maar kijk, daar zijn Jan Hoedeman en Remco Meijer, journalisten bij het modieuze, liberale en trendvolgende dagblad “De Volkskrant” met hun reuze interessante hype-artikel genaamd:

“Dan slaakt Mark Rutte in het Torentje een verwensing: ‘Nee!’ “ (19-12-2014).

O jee de baas is boos, schrijven zij. Wat schrijven zij nog meer? Zij schrijven dat die supermensen van de VVD heel kwaad zijn op die akelige dwarsliggende PvdA-senatortjes. Zij stemden zomaar tegen. Tegen een wetsvoorstel van die flonkerende VVD-diva minister Edith S., de gedoodverfde opvolger van die altijd aimabele Mark, onze eerste a.s. vrouwelijke minister-president volgens I-phone-babe Nelie Smit “The Wharf” Kroes, bijgenaamd Nikkelen Nelie.

“Politiek is mensenwerk, politici zijn soms net mensen. Er wordt geschreeuwd en gevloekt op die socialisten, die ‘helemaal niets kunnen managen’. De PvdA zal dit zelf moeten oplossen, betoogt Zijlstra, die de samenwerking meer dan zat is. Als ze niet kunnen leveren, dan moet er maar worden gebroken.” Aldus Jan en Remco.

De PvdA coryfeeën kronkelen in loopse afhankelijkheid op het tapijt voor het bureau van Mark de Grote om deemoedig en kruiperig hun excuses aan te bieden. Maar de grote Mark blijft boos. Als die rooie honden van de PvdA niet doen wat wij verordineren waar blijven we dan? Daarom zijn we niet met hen in de regering gaan zitten!!

Wat schrijven Jan en Remco nog meer? Nou o.m. dit:

“De sociaal-democraten schamen zich voor de ontstane situatie”

Ja, en met reden! Zij hebben de onaantastbare medische zorg-diva van de grootste centenpartij van Nederland en kunstje geflikt. Drie senatortjes van de PvdA hebben het in hun botte hersens gehaald om zomaar niet te doen wat de grote baas heeft bevolen. Dit moet gestraft worden.

In hun slijmballerigheid weten de PvdA bewindslieden niet in welke bochten ze zich moeten kronkelen om het de grote politieke baas weer naar de zin te maken. Jan en Remco zeggen het, enigszins verhullend, zo:

“De dag bestaat voor de liberalen uit wachten. De PvdA is in paniek en mineur, ze willen er alles aan doen om hun kabinet met de VVD te redden.”

De VVD en de PvdA vormen een pathetisch koppel. De opgeblazen blaaskaken van de VVD zetten de toon en van de PvdA wordt verwacht dat ze meezingen. Het is een coalitie van twee centenpartijen. De ene partij bestaat uit mensen die de macht en de centjes hebben. De andere partij bestaat uit mensen die geen centjes hebben en aan de andere partij vraagt of ze aub een beetje willen delen. Het is een coalitie van Heren en (opgeklommen) Knechten. Het is sneu en het is zielig en er dient zo snel mogelijk een eind te komen aan deze farce opdat ons land weer door volwassen, wijze, redelijke en rechtvaardige mensen bestuurd gaat worden. Ik heb er inmiddels helemaal genoeg van dat alles in dit land gewaardeerd wordt in termen van geld en dat alleen de kille cijfers een rol lijken te spelen.

Het wordt tijd dat er weer echte politiek bedreven gaat worden. Politiek op basis van liefde, erbarmen, rechtvaardigheid, tolerantie en wijsheid.

9 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Tyler Cowen slaat de plank mis. Het zoveelste pleidooi voor een economie van rabiate hebzucht. Hou toch eens op!

Tragisch

Tragisch

Meneer Tyler Cowen, econoom van professie, meent dat wij, de Europeanen, te verwend zijn (zie de Volkskrant van 6 december 2014). Hij weet bijna wel zeker dat voor Europa, vooral Zuid-Europa, in de niet zo verre toekomst het doek gaat vallen. Wij hebben op te grote voet geleefd. Door de verzorgingsstaat zijn we verwende mensen geworden. Dat fenomeen zien we niet in China, India, Brazilie, de USA. Deze landen hebben ternauwernood sociale voorzieningen. Dus minder kosten, dus een betere concurrentiepositie. De toekomst is aan de intelligente, hoog opgeleide technicus. Hij gaat het grote geld verdienen. De domme laag opgeleide sloeber zal moeten sappelen om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen. Meneer Cowen juicht dat toe. Het wordt tijd dat wij in Europa de verzorgingsstaat totaal afschaffen om beter te kunnen concurreren op de wereldmarkt van goederen en diensten. De slachtoffers van de komende tweede industriële revolutie zijn de middenklassen in de VS en in Europa. Die revolutie houdt namelijk in dat bedrijven razendsnel personeel gaan vervangen door slimme machines, ongekend productieve hardware, software en netwerken. En de middenklassen zijn dus de klos. Hun banen zullen massaal verdwijnen. Er zal mogelijk een heel klein beetje werkgelegenheid voor terug komen, maar dat weegt niet op tegen de vele honderden miljoenen, vaak hoog opgeleide werknemers, die hun baan gaan verliezen in de VS en Europa. Vooral de werkgelegenheid in dienstensector zal als sneeuw voor de zon verdwijnen. Nu al zien we daarvan de eerste voorboden.

En zo betreden we de ideale wereld van meneer Cowen. Een relatief kleine economische elite, die nagenoeg het gehele productieproces beheerst, en miljarden mensen die zullen moeten vechten om de economische restjes die te vinden zijn in de vorm van laaggeschoolde arbeid die kennelijk echt (nog) niet kan worden geautomatiseerd of gerobotiseerd. Dat is een prettig vooruitzicht voor super slimme, calculerende mensen en een ware nachtmerrie voor de rest.

Volgens meneer Cowen moet dit rare Ayn Rand – achtige super kapitalisme een betere wereld naderbij brengen. Of hebben we hier misschien van doen met de zoveelste dwalende econoom. Met de zoveelste wetenschapper met een hardnekkige kokervisie. De oplossing van meneer Cowen is best wel a-sociaal. Vind ik. Geen woord verspilt hij aan alle immense problemen die zo’n ongebreideld roverskapitalisme teweeg brengt. Deze man heeft niets geleerd van de afgelopen tien jaar en zal dat blijkbaar niet willen ook!

Als je een beetje fatsoen en naastenliefde in je donder hebt dan richt je economische activiteiten op delen en niet op stelen.

In de wereld van meneer Cowen cum suis regeert dus het harde kapitalisme. Het kapitalisme dat zetelt in het reptielenbrein van ieder mens en dus naadloos aansluit op de evolutionair ontwikkelde natuur van de homo sapiens. De existentiële angst voor de dood maakt ons allemaal tot kapitalisten. Een alles overheersende overlevingsdrang tot uiting komend in de primitieve, cerebraal-archaïsch diep gewortelde vlucht-vecht reflexen die continu opborrelen uit onze hersenstam, maakt dat onze primaire modus “IK EERST” is. “De ratio” is echter een ander verhaal. De ratio probeert steeds weer vat te krijgen op die constante stroom van ongestructureerde emoties. Voorwaar een ingewikkeld proces waarover menig neuroloog u prachtige verhalen kan vertellen en daarbij ter ondersteuning hele mooie beelden kan laten zien van MRI-scans en alles wat er op dat specifieke technische gebied valt te bedenken.

Met onze neocortex (het vooronder binnen onze schedel) proberen wij die ruwe, altijd aanwezige, emoties in sociaal aanvaardbare banen te leiden. De ratio is voor de homo sapiens dan ook een onmisbaar en uiterst belangrijk overlevingsmechanisme. En het is juist die ratio die meneer Cowen een beetje veronachtzaamd. Rationeel gezien, dat wil zeggen i.c. wetenschappelijk gezien, is het nog maar de vraag of het ongefilterde kapitalisme voor de huidige homo sapiens nog wel het juiste overlevingsinstrument is. De toekomst zal dit gaan uitwijzen.

Te stellen valt wel dat het kapitalisme, in zijn ontwikkeling van primitief naar uitermate complex, ons op de evolutionaire route natuurlijk wel gebracht heeft waar we nu zijn. Maar of het zo verder zou moeten gaan is op zijn minst twijfelachtig. Alles wijst erop dat de mens voor een kantelpunt in zijn evolutionaire ontwikkeling staat. Inmiddels lijkt het erop dat de mens als soort het slachtoffer van zijn eigen ontwikkeling gaat worden, namelijk in dier voege, dat hij inmiddels een leefomgeving heeft gecreëerd die steeds minder geschikt is en zal zijn voor menselijke bewoning. Met andere woorden gaat de mens zichzelf uitroeien? Of weet hij met behulp van de zich pijlsnel ontwikkelende ratio het tij te keren door, wetenschappelijk beredeneerd, de contraproductieve en destructieve kanten van het kapitalisme af te zweren en over te gaan op een totaal ander economisch concept. Het is derhalve zeer verhelderend om het wetenschappelijk werk van Peter Kropotkin nog eens te lezen. Hij was een wetenschapper die al vroeg de vinger op de zere plek legde. Maar Darwin was hem net voor en redde met zijn “On the Origen of Species” het kapitalisme

Gezien de vele Cowens en Ayn Rands op deze wereld ben ik behoorlijk somber gestemd over de mogelijkheden van de moderne mens om de bedoelde levensreddende transitie te bewerkstelligen. Het ligt niet in zijn aard, om het maar eens populair te zeggen.

8 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Paupers versus elite. De spanningen lopen op!

Prince and the Pauper

Prince and the Pauper

 

Paupers versus elite. Spanningen lopen op tussen hoog en laag opgeleiden.

Naar aanleiding van een rapport van het CPB wordt er nu weer even wat meer gesproken over het begrip “elite”. Met name over de gewone man versus die elite. De elite deugt niet. Zegt de gewone man. De gewone man die men meteen herkent aan zijn eerlijke, edoch ruwe bolster. De gewone man, die zelf zegt te beschikken over een superieure blanke pit, trekt fel van leer tegen de elite. Want dat over het paard getilde tuig, die hebzuchtige elite, dat doet maar, die akelige dieven, ze graaien, ze stelen, ze denken alleen aan zichzelf, kortom ze leven er maar een beetje a-sociaal op los. De gewone man kan het eigenlijk niet langer verdragen. Die elite moet verdwijnen, hoe dan ook.

Het CPB heeft het dus allemaal onderzocht en onderschrijft op basis van, en daar komt tie weer……..wetenschappelijk onderzoek, het veelvuldig voorkomen van genoemde ressentimenten. De gewone man is boos. Gewoon boos!

Maar de elite hoort niets. Hun ivoren torens zijn te hoog geworden en de roestvrijstalen designer-platen voor hun kop zijn te solide om de ziedende afgunst en haat van de domme massa nog te bemerken. De elite heeft het pauperdom (met de nadruk op “dom”) effectief buitengesloten. De elite lijkt volstrekt ongevoelig te zijn voor de aan hun adres gerichte klachten, beledigingen en scheldpartijen. En als zij er al iets van bemerken dan vatten zij het op als een, in vreemde vorm gegoten, compliment, als een verkapte vorm van aanmoediging Het is in ieder geval een teken dat zij wel datgene hebben bereikt waar de massa zo vurig naar verlangt en waar de gewone man alleen maar van kan dromen. Zij, de elite dus, is er namelijk wel in geslaagd om met behulp van rijke ouders, een hoge opleiding, een baan waarmede vele tienduizenden eurootjes per maand wordt verdiend, een aangeleerd geaffecteerd accent en een schier pathologische ambitie, verreweg het grootste deel van die heerlijke economische taart te bemachtigen of, op zijn minst, te behouden. Dit in tegenstelling tot het residu van de samenleving dat zich, op grond van diverse contraproductieve factoren zoals domheid (hier uiteraard in de betekenis van een laag IQ), een gebroken gezin, een erg lage opleiding, karakterzwakte, agressiviteit, frustratie, rancune etc., tevreden moet stellen met het weg snaaien van de overgebleven taartkruimels.

De “elite” wordt over het algemeen hier in Nederland gedefinieerd in termen van inkomen, kapitaal en economisch gefundeerde macht, dat wil dus zeggen louter op basis van economische factoren.

Wat zegt de dikke van Dale?

Elite: “de keur, het uitgelezen gedeelte, kleine groep van voorname (bevoorrechte) mensen: de elite van de stad, van een gezelschap”.

Zo, dat is niet zo mooi. Het zijn de woorden “keur”, “voorname”, “uitgelezen” en “bevoorrecht” die hier nader bezien dienen te worden. Wat zegt “de dikke” hier over?

Keur: hier 5 “dat wat gekozen is of dient te worden als het beste,syn. bloem, elite: de keur der fijnste lekkernijen, de keur der natie”

Voorname, voornaam: hier 1 (van personen) aanzienlijk, hooggeplaatst, deftig: voorname lieden; de voornaamste ingezetenen; zich te voornaam voor iets achten; een voorname buurt, waar deftige mensen wonen; hij behoort tot de voornaamsten”.

Uitgelezen: “uitgezocht, voortreffelijk, uitmuntend: uitgelezen troepen; uitgelezen wijn; een uitgelezen publiek, dat uit voorname of wel op hun gebied zeer deskundige personen bestaat”.

Bevoorrecht: werkwoordsvorm. Bevoorrechten: een voorrecht of voorrechten schenken, boven anderen begunstigen: een bevoorrechte positie innemen; hij was boven velen bevoorrecht (met gaven van geest of gemoed); de bevoorrechte standen, de rijke, hogere klassen”.

Duidelijk wordt uit bovenstaande dat de betekenis van ‘elite’ volgens de dikke van Dale niet alleen in economische termen dient worden gedefinieerd. En hier beginnen dan ook de misverstanden en meningsverschillen.

Vanaf hier gaat mijn verhaal nog subjectiever worden, aangezien ik ga vertellen wat ik zelf onder ‘elite’ versta. Dus vanaf hier zal het slechts gaan om een relatief onbelangrijke opinie. Dat wil zeggen, een volstrekt onbelangrijke mening voor de rest van de wereld, maar van zeer groot belang voor mijzelf.

Wat versta ik onder ‘elite’? In ieder geval geen rijke mensen.

Ik vind rijkdom en de daaruit, als vanzelfsprekend, voortvloeiende macht namelijk helemaal niet het enige criterium aan de hand waarvan men het begrip ‘elite’ exclusief zou moeten definiëren. Om tot “dé elite” te mogen behoren is mijns inziens wel even iets meer nodig dan het louter bezitten van veel geld en goederen. Ik zou het zelfs willen omdraaien, ik vind dat mensen die alleen maar rijk zijn en verder niets, eigenlijk helemaal niet tot ‘de elite’ behoren. Bij mijn definitie van ‘elite’ speelt rijkdom geen enkele rol. Mijn ‘elite’ bestaat uit wetenschappers, kunstenaars, filosofen, maar ook uit mensen die volstrekt belangeloos hun eigen leven besteden aan het behoeden, beschermen, beveiligen, verzorgen en verplegen van de zwakkeren in de samenleving. Het gaat mij dus niet zozeer om het tegenwoordig zo opgehemelde , en in mijn ogen zeer onsympathieke talent om, op geleide van niets en niemand ontziende hebzucht, het zuurverdiende geld van anderen, via geraffineerde marketing, bedrog en leugens naar je eigen toch al dikke portemonnee over te hevelen, maar om talenten die te maken hebben met wijsheid, liefdevol en belangeloos handelen, met creativiteit en met wetenschappelijke nieuwsgierigheid.

In het huidige tijdsgewricht zijn de zachtmoedigen duidelijk op de terugtocht. Zij hebben de tijdgeest tegen. Alles verzakelijkt, de samenleving wordt steeds wreder en harder, ondanks alle beweringen, overigens uit suspecte hoek, dat dit niet zo zou zijn, en helaas leidt dit alles op termijn onvermijdelijk naar een situatie waarin iedereen alles dreigt te verliezen. Een situatie dus waarin er alleen maar verliezers zullen zijn.

De positie van de zwakkeren, d.w.z. de niet-productieven, de onrendabelen, de laagopgeleiden, zal steeds zwakker worden. De mondiale economische elite heeft namelijk steeds opnieuw weer laten zien dat zij, uit eigen vrije wil, niet van plan is om zwakkeren op een rechtvaardige wijze mee te laten delen in de welvaart. Zelfs niet als zij worden gewezen op het belang dat ook zijzelf hebben bij een eerlijke verdeling van inkomen en kapitaal. Helaas is daarvoor hun hebzucht en machtswellust veel te groot.

Het kan eigenlijk niet anders dan dat er uiteindelijk een hele kleine, maar schatrijke en oppermachtige economische elite ontstaat die steeds minder oog zal hebben voor de enorm grote massa onrendabelen. Onrendabelen zullen steeds sterker worden gedemoniseerd. En natuurlijk zal dat op den duur leiden tot volledige destabilisering van de mondiale samenleving. Automatisering, robotisering en steeds verder geavanceerde technieken zullen eerst, zoals nu al op grote schaal gebeurt, de laagopgeleiden van de arbeidsmarkt verdringen, maar ook zullen, in de wat verdere toekomst, veel hoogopgeleiden (uit de middenklasse) in toenemende mate de economische winstboot gaan missen en uiteindelijk hun biezen kunnen pakken. Wat overblijft zijn zwak rendabele, economische restjes waar de echte economische elite zijn neus voor ophaalt. En een wereld die zo leeggeroofd zal zijn dat van normale menselijke bewoning geen sprake meer kan zijn.

Het roer moet dus om. Er moet wat gebeuren. Er moet een andere elite opstaan die niet naar rijkdom en macht streeft, maar naar rechtvaardigheid, naar wijsheid en naar een liefdevol, creatief bestaan voor allen. Ik ben er vast van overtuigd dat het mogelijk is, maar of de urgentie voor een ingrijpende, noodzakelijke ommekeer door veel mensen wordt gevoeld vraag ik me af. En die twijfel stemt dan weer somber.

NB. Inderdaad, weer hetzelfde thema. Zolang ik blog zal ik blijven hameren op de noodzaak en urgentie voor een betere en rechtvaardiger wereld. Mag dat? Nee, het moet!!!

2 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

De tijd dringt. Anarchistisch manifest.

De Kreelse Plas. Wonderbaarlijke ecologische biotoop.

De Kreelse Plas. Wonderbaarlijke ecologische biotoop.

 

 

We hebben hier meer dan genoeg. We hebben heel veel eten. We kunnen kiezen hoe we ons willen verplaatsen. We hebben hygiëne, zijn steeds gezonder en worden voortdurend medisch gescreend. We wonen in grote stevige huizen. We kunnen ons lichaam verfraaien. We kunnen buitensporig veel kleren kopen. We kunnen min of meer kiezen hoeveel kinderen we willen hebben.

We kunnen zelf ons totale leven vorm geven met een overvloed aan mogelijkheden.

Dat wil zeggen, dat we dat allemaal kunnen doen in een zeer bijzondere samenleving die ons onophoudelijk aanzet en vaak zelfs min of meer dwingt om de “zegeningen” van deze overvloed te ondergaan. Op straffe van uitsluiting.

Wij consumeren en produceren tot we er dood bij neervallen en helpen de wereld in sneltreinvaart naar de gallemiezen

Van bijna alles is te veel. Waarom? Waarom willen wij zo veel hebben. Sober zou genoeg moeten zijn.

Ik denk dat we bang zijn. Ik denk dat we bang zijn om later te weinig te hebben. Als je te weinig hebt ga je dood. Vroeger was dat veel duidelijker dan nu. In verre warme woestijnlanden zie je tegenwoordig nog wel eens mensen dood gaan omdat ze te weinig hebben. Wij wonen in het rijke westen. Het rijke westen. Ja, we zijn bang en daarom verzamelen we geld, macht, vrouwen, mannen, voedsel.

Toch hapert er iets. Toch is er soms iets in ons hoofd dat onrustig maakt. Schuld? Ontevredenheid? Afgunst? Jaloezie? Iets zit onder die hersenpan te pieren.

Het moderne leven is een vervreemdende ervaring. Het heeft ons in een paar eeuwen volledig losgezongen van onze grondslag. Los van onze wortels. Heeft ons in een kant en klare wereld gezet. Dat is even wennen. En dat wennen gaat nog niet zo lekker. We zijn bang. Bang om het allemaal weer te verliezen.

De angst om dood te gaan door gebrek of ziekte is een existentiële angst. Die angst willen we neutraliseren. We zijn zo vreselijk existentieel bang dat we onze angsten overcompenseren door het creëren van een vervreemdende wereld. Uit angst gaan we stelen in plaats van delen en dat noemen we dan economisch handelen. Handelen in een toestand van schaarste. Marktdenken. Je medemensen worden concurrenten. Als jij het niet pakt dan pakt een ander het wel. Oorlogen, rare godsdiensten, vreemd georganiseerde samenlevingen. Het gaat niet lekker. Je kunt niet ongestraft blijven stelen. En met onze rare geconditioneerde geest reageren we reflexmatig op alle risico’s die ons decadente leven kunnen bedreigen. Daar worden we niet gelukkiger van.

Terug naar de basis, mensen. Bevrijdt je geest uit de knellende groepsketenen van het automatisme en het conformisme. We moeten zo snel mogelijk de begrippen goed en kwaad herdefiniëren en dienaangaande een zo groot mogelijke mondiale consensus zien te bereiken. Achterlijke en kwaadaardige godsdiensten moeten op een fundamentele wijze aan de kaak worden gesteld en hun onheil moet op korte termijn worden ingedamd. Laat onethische en doortrapte rolmodellen links liggen. Ga de dingen weer echt zelf doen. Leer weer zelf na te denken. Laat je handen wapperen. Blijf je zelf de baas en verkoop je lichaam niet als de eerste de beste loonslaaf aan een ander. Een ander, die vervolgens goede sier maakt met de opbrengst van de vruchten van jouw arbeid en jou afscheept met een, relatief gezien, lullige grijpstuiver. Hebben we dan helemaal geen eergevoel meer? Is dat eergevoel dan volledig weggeërodeerd door de perfide verlokkingen van het anti-intellectuele, afstompende en materialistische hedonisme? Het heeft, dacht ik, nu wel lang genoeg geduurd. Laten we aub zo snel mogelijk de strijd aanbinden met de a-vitale tendensen in deze decadente westerse samenleving. Er is een totale omslag nodig in het denken over samenlevingen. De mens dient bij al onze strevingen doel te zijn en nooit middel.

De homo sapiens kan als soort alleen overleven als hij zich op tijd aanpast aan zijn veranderende omgeving. Welaan, die omgeving is aan het veranderen en snel ook.

Laten we het aankomen op groot leed en dorre ellende of zijn we nog vitaal genoeg om totaal nieuwe wegen te gaan bewandelen. Zijn we vitaal genoeg om die rottige en decadente consumptieverslaving te bestrijden. Zijn we vitaal genoeg om totaal andere, ongebaande wegen te gaan bewandelen. Gooi het juk van die verslaving af en geef ruimte aan je eigen creativiteit. Bedenk mooie en effectieve oplossingen voordat het te laat is. De tijd dringt.

2 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Mijn mening over “Revival” van Stephen King en over andere zaken.

Een warme zomerdag.

Een warme zomerdag.

Stephen King is een Amerikaan die, ondanks de stortvloed van opgeklopt en onrealistisch consumenten-optimisme die de ingezetenen van de Verenigde Staten elke dag van de week weer, in de vorm van geraffineerde en commercieel conspirerende media, over zich uitgestort krijgen, kennelijk toch een vrij normale, aimabele, zij het licht pessimistische, persoon is gebleven. En dat siert hem, vind ik. Gesteld kan worden dat het leven in die vervreemdende, agressieve Amerikaanse samenleving voor een normale, goedwillende persoon uiteraard geen pretje is, ondanks alle egocentrische flauwekul-sprookjes die super materialistische en extreem hedonistische Amerika-dwepers van VVD-huize ons willen doen geloven. Niets is daar wat het lijkt. Vriendelijkheid is de verborgen agenda om jou op een slinkse manier geld uit de zak te kloppen en godsdienst is daar meestal het instituut waarbinnen vreemdelingenhaat, intolerantie en racisme welig tieren. Het is het land van de optimistische schijnheiligheid en de onechte sentimentaliteit. In Amerika zijn eigenlijk maar een paar zaken werkelijk belangrijk, namelijk geld, macht en sociale status. Om die zaken te verkrijgen zijn de Amerikanen desnoods bereid hun oude moeder te vermoorden. De werkelijke president van de VS is dan ook niet meneer Obama, maar de geldgod Mammon met die rare Ayn Rand als zijn bevlogen profeet. Hebzucht is goed. Altruïsme is slecht. Zo verkondigde de inmiddels overleden Rand aan iedereen die het toen maar wilde horen en zo valt ook nog steeds in haar boeken en manifesten te lezen. Eigenlijk is het allemaal te droevig voor woorden. Neemt niet weg dat de, van nature al sterk individualistische, Amerikanen bijzonder goed naar haar hebben geluisterd en haar gedachtegoed met groot enthousiasme tot het enige kompas hebben gemaakt waar zij in hun leven op willen koersen.

En het bovenstaande met verwondering in ogenschouw nemend, heeft Stephen King in feite nog een heel vriendelijk, zij het toch wel vrij pessimistisch, boek geschreven. King is wat dat betreft volgens mij een atypische Amerikaan, in dier voege, dat het bij hem nou eens niet altijd en alleen om geld en macht draait

Het boek leest, zoals gewoonlijk, als een sneltrein die voortdendert over de glad gepolijste rails van spanning, gewiekste dialogen en bovenzintuigelijke gebeurtenissen. Zo’n boek lees ik dus in een adem uit. De oude meester leeft nog.

Snobs en neerbuigende academici zijn vaak van mening dat het werk van Stephen King in feite echte Amerikaanse shit-pulp is en in ieder geval geen Literatuur. Het lezen van zijn boeken ligt ver beneden hun waardigheid. Zij zijn van hetzelfde kaliber als het soort mensen, dat beweert alleen van klassieke muziek te houden en daarom denkt, vanuit hun elitaire “Hoge Culturele” positie, zo maniakaal veroordelend tekeer te moeten gaan tegen de “decadentie, verdorvenheid en relatief onmuzikale oppervlakkigheid” van populaire muziek. Laat deze mensen in godsnaam gewoon uit hun boord lullen en lees gewoon Stephen King. Ik ken in feite geen betere verteller. En wat kan het mij dan, voor den donder, schelen dat het geen hoge literatuur is. Het is prachtig, adembenemend en super spannend.

Zoals gewoonlijk is het boek, vind ik, best wel goed geschreven. Stephen King is een meester in het verwoorden van de “American Way of Life”. Door de dialogen voel je de echte Amerikaanse hebbelijkheden resoneren. En het leuke is dat Stephen King steeds relativerender schrijft over het verschil tussen goed en kwaad. Zijn sympathieke hoofdpersonage heeft een aantal vervelende trekjes. Gezegd dient te worden dat anti-sociaal zijn in de Amerikaanse samenleving volgens mij niet iets uitzonderlijks is. Het hoort bij het leven daar. Bij hun individualisme. Je ziet de “prominente” splinter in het oog van de ander, maar praat niet over de “onbelangrijke” balk in je eigen oog. Prachtig is het hoe de schrijver deze menselijke trekjes geheel terloops door het verhaal heen weeft.

Het ultieme Kwaad speelt altijd een rol in de boeken van Stephen King. Zo ook hier. En met dit boek overtreft de schrijver zichzelf ruimschoots. Hij beschrijft het leven dat wij hier doormaken als een belangrijke opgave, als een taak waar je je beter maar met optimisme, liefde en toewijding aan kan overgeven, want het is wel de enige tijdspanne waarbinnen je enige liefde en tevredenheid, enige rust en regelmaat kunt ervaren. Het leven voor je geboorte en na je dood is letterlijk een ware hel. Het leven in dit specifieke ruimtetijdcontinuüm is de enig mogelijke, weliswaar tijdelijke, ontsnapping aan die gloeiende martelende hel. Na het leven wordt je weer teruggegooid in die stinkende poel van oneindig en intens lijden. Het is duidelijk dat Stephen King de schrijver H.P. Lovecraft als lichtend voorbeeld hanteert. Lovecraft, de schrijver van diepe, niet-menselijke geheimen en van krachten die dit leven ver te boven gaan. En als het gaat om het beschrijven van de hel, is

Uit het voorgaande kunt u al concluderen dat het boek, naar menselijke maatstaven bemeten, niet logisch in elkaar zit. Er is sprake van bovenzinnelijkheid, van andere manieren van “zijn” en van lijden, grenzeloos lijden! Maar ook is het boek een verhaal van onbereikbaar en tragisch verlangen, van verloren liefde en van diepe, diepe droefheid. Thema’s die op een heel natuurlijke en logische wijze in het boek zijn verwerkt. Een conglomeraat van toeval, noodlot en echte waanzin. Ja, dit alles kan men aan Stephen King goed toevertrouwen.

Revival” vind ik een van de somberste boeken van Stephen King, slechts overtroffen door het verhaal “de Mist”, waarin wordt beschreven hoe het menselijk bestaan zomaar kan eindigen in een extreme hellevaart en een ondenkbaar groot lijden. Maar is er dan helemaal geen troost van en hoop op een lieve, barmhartige en genadige God, die ons na de dood allemaal onder zijn hoede neemt en uitzicht biedt op een eeuwige hemel met steden van goud, straten van zilver en eeuwigdurende fysieke en mentale liefde. Nee, die god bestaat niet, die god heeft nooit bestaan en die god zal ook nooit bestaan. Er is slechts de hel van Lucifer met onvoorstelbaar en eeuwig lijden als eeuwige straf voor onze hovaardige ontsnapping. Onze ontsnapping aan de duivelse almacht van Mefisto in de vorm van het leven tussen geboorte en dood. Onze tijdelijke ontsnapping aan het helse inferno waarin wij, door onze onontkoombare dood, onherroepelijk en onverbiddelijk weer zullen moeten terug keren.

Daarom raakt het boek mij wel. Meer zelfs dan ik me tijdens het lezen bewust was. Ik besef nu eens temeer dat de enige manier om na de dood te kunnen ontsnappen aan de wrede klauwen van Lucifer is gelegen in de onvoorwaardelijke keuze, hier tijdens dit leven, voor een bijna onmogelijk, zeldzaam liefdevol en altruïstisch bestaan. Een leven van werkelijk totale geweldloosheid en van belangeloze Liefde. Alleen dan is opname mogelijk in de hemelse populatie der onbevlekten en onschuldigen. Helaas zijn dit er niet meer dan tien per jaar. De hel is een overbevolkte gruwel. De hemel is een liefdevol thuiskomen.

Wat ik hierboven schrijf is natuurlijk allemaal lariekoek en flauwekul, dat had u allang begrepen. Maar soms laat ik mij lekker meeslepen door mijn onheilsprofeten-gen. Lachen, jongen!! Dan wordt ik een krankzinnige apostel der Laatste Dagen. Volstrekt gespeend van elke realiteitszin. Ondanks alle verwarring en desinformatie vind ik het hartstikke leuk om die baarlijke nonsense op te schrijven. Wie en wat zou ik zijn als er geen tenenkrommende, absurde humor was, bijvoorbeeld mijn eigen waanzinnige onzin dus, dewelke ik waarschijnlijk als enige op werkelijke waarde weet te schatten en die voor mij daarom zelfs nog veel grappiger is. Waar kun je nu beter trollen dan op je eigen blog!

4 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized