Maandelijks archief: maart 2014

Bespiegelingen bij “Een mooie jonge vrouw” Boekenweekgeschenk 2014 Tommy Wieringa

Tommy Wieringa ingeklemd tussen de fabels van La Fontaine.

Tommy Wieringa ingeklemd tussen de fabels van La Fontaine.

Aanvankelijk dacht ik, toen ik nog maar net was begonnen met het lezen van dit uitermate handzame boekje: hè nee hè, niet weer zo’n vervelend pretentieus boekje vol met cliché’s, banaliteiten, veel verdienende, hoogopgeleide, overtuigd hedonistische en tot op het bot verwende mensen die acteren in een wereld van pijnlijke schijnheiligheid en pseudo-intellectualiteit. U weet wel, al die voorspelbare “spannende” levens van hippe mensen dewelke uiteindelijk niets anders blijken te zijn dan kundig gemaskeerde manifestaties van ultieme verveling en geborneerdheid.
Naarmate ik verder las in dit boekje verdween dat gevoel niet, maar er kwam wel iets bij, namelijk het medelijden dat ik begon te krijgen met het eigenaardige hoofdpersonage. Een voor mij totaal oninvoelbare man. Een al wat oudere wetenschapper die helemaal niets lijkt te begrijpen van het leven en van de sociale systemen om hem heen en daarom ook steeds, op geleide van zijn testosteron, de verkeerde keuzes maakt. Hij wordt langzamerhand diep ongelukkig en uiteindelijk eindigt hij ontredderd en huilend in zijn collegezaal.
Toen ik het boekje uit had, bleef ik er nog lang over nadenken. Er schuurde iets. Dat had die drommelse Tommy Wieringa dan toch maar bereikt, dat ik ’s nachts in bed lag na te denken wat er nou eigenlijk fout was gegaan in het leven van dat hoofdpersonage.
Ik bedacht dat het boek in feite handelt over verkeerd kiezen. Niet zo verwonderlijk want die simpele conclusie ligt erg opzichtig voor de hand en wordt er met lompe hamerslagen door de schrijver stevig ingetimmerd bij de lezer. Toch was ik een beetje geschrokken, want ondanks alle zeer voor de hand liggende conclusies werd me nog weer eens duidelijk dat het verloop van je leven één op één samenhangt met de keuzes die je steeds weer meent te moeten maken. Het maken van die keuzes vindt plaats op het scheivlak van gevoel en verstand. Ik vind dat de emoties die aanzetten tot het maken van keuzes altijd grondig getoetst dienen te worden door de baas van het hele spul, namelijk de “ratio”, het verstand. Gebeurt dat niet, dan worden er vaak keuzes gemaakt die later onvermijdelijk leiden tot zeer onaangename zaken. En dan druk ik me nog eufemistisch uit!!
Zo ook dus in dit boekje. Het hoofdpersonage maakt een verkeerde keuze, verblind als hij wordt door zijn mannelijkheid en alles wat hiermede samenhangt. Het testosteron overwint en doet uiteindelijk zijn vernietigende werk. En daar staat die hoogopleide man dan, een vat vol verdriet, een vernield leven en een sombere toekomst. De mooie jonge vrouw is eigenlijk een fabel. Een fabel zoals La Fontaine ze zo prachtig heeft geschreven.
Als je een verkeerde beslissing neemt dwingt het leven je de consequenties van deze keuze te aanvaarden.
Dit kleine boekje gaat naast “De verkeerde keuze” als hoofdthema, ook over betovering, over de “Sirenes” van de uiterlijke schijn, en over dramatische karakterzwakte, zijnde de elementen die tot eerdergenoemde “verkeerde keuze” leidden.
“Het is niet alles goud wat er blinkt”.

Ik heb het boekje toch met aandacht en plezier gelezen, ondanks de ergernis gevende elementen van opzichtige broodschrijverij, die Tommy Wieringa kennelijk niet kon en wilde vermijden. Het boekje is immers bedoeld voor een heel groot publiek.
Ik zou zeggen, lees dit boekje als een fabel en alles valt op zijn plaats.

Advertenties

1 reactie

Opgeslagen onder Uncategorized

Wallenstein, de vleesgeworden, gewetenloze opportunist. CEO avant la lettre.

Wallenstein, CEO avant la lettre

Wallenstein, CEO avant la lettre

Achtergronden bij Wallenstein.

Bij leven was Wallenstein al een mythe. Er deden, ook toen al, allerlei flauwekulverhalen over hem de ronde. Er bestaan immens veel bronnen over deze houwdegen. Er is veel literatuur; er zijn toneelstukken over hem geschreven; er zijn brieven; officiele documenten; er is veel geschiedschrijving. Het zal dus geen verbazing wekken dat er ook veel onzin over Wallenstein is geschreven. Veel overdrijving en heel veel leugens.
Zelfs de officiële historiografie bleef niet vrij van tendentieuze subjectieve observaties. Het is derhalve beslist noodzakelijk om bij de bestudering van het leven van Wallenstein uiterst voorzichtig te werk te gaan. Er bestaat heel erg veel verkeerde beeldvorming (zelfs zgn wetenschappelijk getoetst!) en veel opvattingen over Wallenstein zijn niet gebaseerd op de werkelijkheid.
Er bestaan tienduizenden schriftelijke bronnen van en over Wallenstein. Vele van deze bronnen zijn niet gebaseerd op de waarheid, op de werkelijkheid. Toch werden deze onjuiste bronnen in de historiografie van de negentiende eeuw gebruikt en zij bevestigden zo het traditionele slechte imago van Wallenstein.
Er bestond dus van het begin af aan door onwetenschappelijke mythevorming een verwrongen beeld van het leven van Wallenstein.
De reden hiervan is onder meer, zoals reeds gezegd, de enorme hoeveelheid schriftelijke bronnen.Ondanks deze overvloed aan historische bronnen is er dus toch sprake van veel hiaten en van veel eenzijdige correspondentie. Bovendien schijnt het zo te zijn dat een niet onaanzienlijke hoeveelheid “ongemakkelijk materiaal” na de dood van Wallenstein gewoon is vernietigd. Hierdoor ontstonden grote problemen met de interpretatie van de overgebleven bronnen. Uiteraard zien we het fenomeen dat geschreven bronnen vaak worden overgewaardeerd. Daarbij komt ook nog het feit dat Wallenstein zelf veel tegenstrijdige zaken in de door hem opgestelde en geschreven documenten vermeldde.
Het zal dus duidelijk zijn dat het niet zo eenvoudig is om een eenduidig beeld te krijgen van Wallenstein, van zijn leven en van de invloed die hij mogelijk had op het verloop van de geschiedenis.

Hoe zit het met het karakter, met de persoonlijkheid van Wallenstein. Die kennis is immers van groot belang om zijn motivatie te weten te komen.
De traditionele kijk op Wallenstein is als volgt: zeer intelligent, een briljant organisator. Maar ook hardvochtig, aanmatigend en rancuneus. Hij was bijgelovig en deed veel aan astrologie (wordt dus gezegd!!). Bovendien zou hij ook hebzuchtig en onvermoeibaar ambitieus zijn geweest.
De Engelse historicus meneer Geoff Mortimer probeert in zijn boek “Wallenstein, the enigma of the thirty years war” het blazoen van Wallensein te zuiveren. Hij doet erg zijn best om allerlei zaken van diverse kanten te belichten etc., maar het blijft, naar mijn bescheiden mening, een beetje een verkrampte poging om Wallenstein alsnog op het schild van de perfectie te tillen. Het is misschien pedant van mijn kant, maar ik geloof de interpretatie van meneer Geoff Mortimer niet zo erg! Hieronder geef ik op zeer beknopte wijze de versie van meneer Mortimer weer.

In zijn jeugd was Wallenstein “One of the boys”. Een machomannetje dat lekker kon drinken, vechten en met een grote Tsjechische mond kon schelden. Een populair type dus. Hij maakte steeds een goede indruk!?! Zijn twee huwelijken waren niet slecht, volgens Mortimer. En….misschien heeft hij wel van zijn twee echtgenotes gehouden (sic). Ook onderhield hij levenslange vriendschappen (Harrach, Eggenberg, en von Arnim). Zijn eerste biograaf, graaf Galleazzo Gualdo Priorato, schrijft eigenlijk niet negatief over Wallenstein. Wallenstein zou in zijn jeugd een hartelijke man zijn geweest. Ik ben zo vrij hier al mijn vraagtekens te plaatsen. Uit alles blijkt namelijk dat Wallenstein een ruwe vechtersbaas was met een grote Tsjechische bek. Dus niks “hartelijk” en wat dies meer zij.
Mortimer vermoedt dat latere gebeurtenissen, zijn ziekten (jicht en maaglijden), de daarmede samenhangende constante lichamelijke pijn en het vergeefs zoeken naar vrede (???) van Wallenstein een moeilijk mens hebben gemaakt. Wallenstein had een scherpe tong en kon soms best wel opvliegend zijn. Mortimer vindt, en daar heeft hij in zijn algemeenheid natuurlijk helemaal gelijk in, dat historische personen zoals Wallenstein beoordeeld dienen te worden in het licht van de cultuur en de omstandigheden van hun eigen tijd en dat zij zeker niet dienen te worden beoordeeld aan de hand van de waarden en normen die wij tegenwoordig hanteren. Dit lijkt mij een open deur. Wallenstein zou best wel hebzuchtig zijn geweest, maar zeker niet hebzuchtiger dan zijn “gelijken”. Hij zou gebruik hebben gemaakt van de mogelijkheden, maar dat zou, volgens Mortimer, geen bewijs zijn geweest van zijn obsessieve drang naar bezitsvermeerdering. Wallenstein was, ondanks militaire benauwenissen, altijd en eeuwig in de weer met zijn verworven hertogdom Friedland. Door het organiseren van dit Hertogdom tot één groot territorium ontstond een economische eenheid met een effectiviteit die veel groter was dan voorheen. Er ontstond een soort symbiotische verhouding tussen de economische activiteit en de daaruit voortvloeiende productie van voedsel en goederen en de noden van zijn door hemzelf georganiseerde legers. Wallenstein voer er wel bij. Maar ook de bevolking deelde mee in de aldus gegenereerde welvaart. Mortimer komt dan tot de conclusie dat Wallenstein goed was voor zijn volk. Ook Mecklenburg en Sagan (stad met ommelanden in Polen) profiteerden van zijn enorme organisatorische talent. Het zou, volgens Mortimer, ook de reden zijn dat een oproep van Gustav Adolf, koning van het agressieve Zweden, aan die gebieden geen gehoor vond.

Op religieus gebied zou Wallenstein ook tolerant zijn geweest. Zijn vijanden zagen dat echter toch iets anders. Zij beschuldigden hem van onverschilligheid, ja zelfs van atheïsme! Op latere leeftijd ontwikkelde Wallenstein een heftige afkeer van de orde van Jezuïten. Tijdens de laatste jaren van de machtspositie van Wallenstein waren het namelijk vooral de Jezuïten rond Ferdinand II, de keizer van het Heilige Roomse Rijk, die stemming maakten ten nadele van Wallenstein. Zo werden deze geestelijken de grootste vijanden van Wallenstein.
Als generaal en militair opperbevelhebber leek Wallenstein niet op zijn militaire soortgenoten! Hij nam weinig deel aan echte grote militaire veldslagen. Lützen en Dessau waren eigenlijk de enige grote veldslagen waar hij rechtstreeks en actief bij betrokken was. Zijn tactiek was er altijd voor te zorgen dat hij betere troepen had dan zijn tegenstanders. Hij was als generaal eigenlijk geen leeuw maar meer een vos. Brute kracht tegen slimheid. Wallenstein combineerde militaire en politieke kracht met als doel de tegenstanders te slim af te zijn, door hen militair te verslaan als het echt niet anders kon, maar boven alles om hen te dwingen tot vrede zonder dat zij hun oorspronkelijke doelen hadden bereikt. Wallenstein was, naast Gustav Adolf, een van de grootste militaire strategen van zijn tijd.
Het grootste vooroordeel met betrekking tot Wallenstein, vindt Mortimer, is de overtuiging dat hij grenzeloos en ziekelijk ambitieus zou zijn geweest. Een overtuiging die tot de dag van vandaag voortduurt. Ortimer is het daar niet mee eens. Volgens meneer Mortimer zag Wallenstein slechts kansen en greep hij die vervolgens. Zo kun je het ook omschrijven! Het hangt er maar vanaf welke politieke kleur je hebt als hedendaagse geschiedschrijver. En ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat meneer Mortimer een liberaal conservatieve overtuiging heeft. Op basis van deze politieke overtuiging probeert meneer Mortimer Wallenstein gunstiger te portretteren, dan tot nu toe is gebeurd. Mortimer maakt zich derhalve schuldig aan de wetenschappelijke zonde die hij zelf zo vurig zegt te willen bestrijden.
Volgens meneer Mortimer hield Wallenstein zijn lot in eigen handen en was misschien meer een opportunist dan dat hij daadwerkelijk een echte “streber” was. De vijanden van Wallenstein hebben na zijn dood (moord) zijn goede naam bezoedeld door hem retrospectief allerlei akelige eigenschappen toe te kennen, zoals afgunst, wreedheid etc. Wallenstein was volgens Mortimer eerder een handige bliksem die middels de door hem georganiseerde legers zijn bij elkaar geharkte bezittingen trachtte te beschermen, dan dat hij een doelbewuste wrede machtswellusteling was. Als militair opperbevelhebber zou Wallenstein nooit de echte intentie hebben gehad om politieke invloed uit te oefenen.
Mijn conclusie:
Ik vind dat meneer Mortimer in zijn boek te bevooroordeeld is. Hij trekt mijns inziens conclusies die helemaal niet te trekken zijn. Ik ken de politieke en maatschappelijke achtergrond van meneer Mortimer natuurlijk niet exact, maar ik vermoed dat het daar toch wel iets mee te maken heeft. In ieder geval vind ik dat hij Wallenstein te gunstig afschildert als ik moet afgaan op datgene wat ik aan keiharde feiten over Wallenstein weet. Het verdient dienaangaande aanbeveling om de bekende geschiedenishandboeken over de dertig jarige oorlog te raadplegen.
Als we kennis hebben genomen van de handel en wandel van Wallenstein hoe dient dan ons oordeel te zijn? Of liever gezegd, wat dient dan mijn oordeel te zijn.
Duidelijk blijkt uit de geschiedenis van Wallenstein dat hij een min of meer gewetenloze opportunist was. Hij veranderde van geloof, hij trouwde tot twee maal toe een rijke, machtige vrouw, hij vergaarde op een obsessieve manier geld, bezit en macht, hij was een bedrieger en een manipulator en hij “regelde” zaken in, wat wij nu “achterkamertjes” zouden noemen. Hij beheerde zijn bezit en zijn vermogen zoals het de echte vrek betaamt, namelijk altijd met een ziekelijke in achtname van zijn eigen belang. Wallenstein werd zijn hele leven gedreven door een meer dan gemiddelde drang naar geld, bezit en macht. Macht die hij verwierf met als enig doel om zijn geld en bezit veilig te stellen. Hij werd niet bezield door hogere doelen. Hij hanteerde het zwaard en kwam ook om door het zwaard.
Een vergelijking met het beeld van onze moderne CEO dringt zich op. Wallenstein was een man die in naam religieus was, maar eigenlijk maar één religie aanhing, namelijk de verafgoding van de Mammon. Net als onze eigentijdse CEO’s liet Wallenstein zich niet weerhouden door gewetenswroeging of naastenliefde. Als het nodig was vermoordde hij eigenhandig diegene die tussen hem en het geld of de macht kwam te staan. De kwaadaardige obsessie van Wallenstein met geld, bezit en macht is natuurlijk van alle tijd. Slechts die mensen die er elk moment van hun leven pathologisch en obsessief mee bezig zijn, slagen erin om posities te bevechten met behulp waarvan zij hun hebzucht, machtswellust en drang naar sociaal aanzien op een voor hen adequate wijze kunnen bevredigen. Duidelijk is dat zulke mensen niet uitblinken in naastenliefde en belangeloos handelen. De geschiedenis is vergeven van mensen zoals Wallenstein, want het zijn juist dat soort mensen die per definitie steeds weer binnen een samenleving komen boven drijven. Ter bevestiging van voorgaande hoeft men alleen maar het werk van Charles Darwin en Herbert Spencer te lezen. Het is derhalve helemaal niet verwonderlijk dat tegenwoordig nog steeds het aangezicht van de wereld wordt bepaald door de hebzuchtigen en de machtswellustelingen op deze aarde.
Dit is mijn mening over Wallenstein. Als je je leven laat leiden door de leer van meneer Adam Smith zul je er ongetwijfeld heel anders over denken.

De belangrijkste conclusie moet echter luiden dat we er wel nooit in zullen slagen om de geschiedeniswetenschap geheel waardevrij te krijgen.

4 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

‘ALSOF HET VOORBIJ IS’ , JULIAN BARNES. Een roman die uitnodigt tot bespiegeling.

DSC_0189

 

 

‘Alsof het voorbij is’ van Julian Barnes, is voor mij eigenlijk de ultieme roman. Zelden heb ik een mooier boek gelezen. Het is evenwichtig, het is zeer literair, soms zelfs poëtisch, het is confronterend en het is werkelijk prachtig geschreven. Maar dat kun je natuurlijk wel aan Julian Barnes overlaten. Dit boek is een van de mooiste boeken die ik ooit heb gelezen. En het is niet voor niets dat deze prachtige roman de “Man Booker Prize” heeft gewonnen in 2011.
Er wordt schitterende taal gebruikt om de gebeurtenissen te schilderen. Er is sprake van een ‘zinderende’ plot die ligt ingebed in een scala aan min of meer ingrijpende “Life-events”. Er is sprake van een vleugje humor, maar de bittere ernst overheerst. Het leven is geen pretje en dient bedachtzaam geleefd te worden
Het hoofdpersonage vindt uiteindelijk dat hij niet goed heeft gehandeld. Het thema van het boek is berouw, gebrek aan herinneringen en de innerlijke strijd van een ouder geworden man om, ondanks alle machinaties van zijn demonen der ijdelheid, gekwetste trots en sociale achterstelling, voldoende zelfinzicht en berusting te verwerven waardoor hij weer in staat is zijn leven op harmonieuze wijze te continueren. Hij moet daartoe terug naar zijn studietijd en naar zijn oude vrienden. Wat volgt is een keiharde confrontatie met een minder prettig “Ik”.
Het boek zit uiterst vernuftig in elkaar. Het is logisch, zoals alleen maar de werkelijkheid logisch kan zijn en tegelijk krankzinnig. Het weldadige van dit boek is de manier waarop de schrijver zijn hoofdpersonage onbarmhartig laat oordelen over zijn gedragingen in het verleden. Ik krijg soms zelfs medelijden met de arme man. Het boek raakt mij in zoverre dat ik het prachtig vin hoe de schrijver zijn hoofdpersonage laat nadenken over zijn gevoelens. Al dat gerationaliseer leidt uiteindelijk tot niets. Het hoofdpersonage moet zich neerleggen bij de historische gang van zaken en de uiteindelijke uitkomst daarvan. Bepaalde nieuw ontstane gemoedstoestanden kunnen kennelijk ook weer diep verborgen herinneringen boven brengen. Er zit veel onder het oppervlak van het verleden. Het ligt aan de toekomst of het daar verborgen blijft of niet en dat is een gedachte die het beschouwen waard is.
De plot van het boek is dus prachtig, verrassend en bijzonder gedetailleerd uitgewerkt. Het boek leest als een thriller. En wat het fantastisch maakt is dat de plot, ondanks alle irrationaliteit, zo realistisch is. Zo invoelbaar en zo bereikbaar.
Het boek zet aan tot zelfonderzoek en tot zelfkritiek. Ik ben het overigens in veel dingen helemaal niet eens met het hoofdpersonage. Ik bespeur bij hem onevenwichtigheid, onnodig verdriet en onlogische keuzes die het leven soms tot een hel maken. Bovenal omdat mensen, zoals in het geval van het hoofdpersonage, dit toelaten, omdat zij geen verweer hebben tegen de gevolgen van genoemde verkeerde keuzes en vaak verzanden in een litanie van zelfbeklag en beschuldigingen. Ook dienen wij de verwoestende uitwerking van de “psychologie van de koude grond” niet te onderschatten. Welk existentieel verweer kan een mens zelf mobiliseren om zich te verdedigen tegen de stormrammen van de perfide oordelen van anderen. Het hoofdpersonage laat zich teveel leven door het denken en doen van anderen. En dat is eigenlijk iets waardoor je volkomen van weg kan raken. Iets wat we vooral in deze tijd steeds vaker zien gebeuren. Al deze thema’s komen aan de orde in dit prachtige boek en zetten aan tot bespiegeling en tot filosoferen
Dit boek moet gelezen worden!!!

 

Nb. Momenteel ben ik “Misdadige Vrouwen”, criminaliteit en rechtspraak in Holland 1600 – 1800,  aan het lezen. Wie had dat ooit gedacht! Misdadigheid is helemaal geen mannenzaak. In genoemd periode gingen vrouwen als wilde beesten tekeer!!! Tsjonge!

1 reactie

Opgeslagen onder Uncategorized

Bah!!!!!!! Ga die akelige PVV aub verbieden!

De moeder van alle drollen 2009

Gisteren ben ik me rot geschrokken. Gisteren is inderdaad een grens overschreden. Gisteren heeft een grote horde politiek verantwoordelijke mensen een andere groep Nederlanders verbaal bedreigd louter en alleen op grond van het feit dat deze groep uit Nederlanders bestaat met een afwijkende etnische afkomst. Dat is walgelijk. Dat is huiveringwekkend en beangstigend. Er is dus kennelijk in Nederland een grote horde brute en onbeschaafde mensen die op racistische motieven een andere groep Nederlanders het land uit wenst. Een horde mensen die zo groot is dat zij bij een a.s. stemming voor de Tweede Kamer, waarschijnlijk vierentwintig zetels of zelfs nog meer, gaan behalen. Wij praten dan over een paar miljoen mensen. Ik kan dat niet geloven. Ik kan niet geloven dat je zo wreed en onfatsoenlijk bent dat je mede-Nederlanders van een andere etnische afkomst het land wilt uitjagen. Worden deze mensen aangesproken op hun racistische woorden en hun racistische gedrag dan zullen ze zich, zoals gewoonlijk, weer in allerlei juridische bochten wringen om hun verwerpelijke standpunten voor de bühne te vergoelijken.

Ik vind dat de PVV verboden moet worden. Ik vind dat de PVV een liefdeloze rot partij is die haat zaait en daardoor de Nederlandse samenleving tracht te destabiliseren. Het is onbegrijpelijk hoe de paranoia van één krankzinnige gek miljoenen mensen zover kan krijgen dat zij zijn racistische en fascistische standpunten enthousiast en met hartstocht uitdragen en verspreiden. Ik moet er van kotsen. Ik wil eigenlijk niet wonen in een land waar de verraders onder ons zijn. Verraders van de liefde die een samenleving nodig heeft om adequaat te kunnen functioneren. Bah!!!!!!!

2 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Maarten van Rossum spreekt wijze woorden aan tafel bij Humberto Tan.

IMGP0893

Humberto Tan had vanavond o.m. Maarten van Rossum  aan de tafel zitten. Van Rossum gaf een haarscherpe analyse van de situatie in de Ukraïne. En hij deed dit met de zorgvuldige inachtname van het historische perspectief. Er wordt de laatste tijd zoveel onzin verkondigd met betrekking tot deze kwestie dat de woorden van v.Rossum er bij mij ingingen als gods woord in een ouderling. Humberto vond v. Rossum maar pessimistisch, zoals gewoonlijk. Hiermede gaf hij aan dat hij er niet erg veel van wilde begrijpen.

Vorige week schreef ik ergens anders het volgende:

“Als de VS bij monde van meneer Obama zegt dat het tot hier gaat en niet verder, dan kunnen de poppen aan het dansen komen. De eerste wereldoorlog kwam ook min of meer uit de lucht vallen, maar was er niet minder gruwelijk om. Nu hebben we allemaal kernwapens, dus grootschalige vernietiging blijft altijd op de loer liggen.
Door de geschiedenis heen heeft Rusland altijd een open toegang willen houden tot de Zwarte/Middellandse Zee. Zij zullen dit nooit opgeven. De Krim wordt Russisch. De Ukraine splitst zich in twee natiestaten. De ene afhankelijk van de EU en de andere afhankelijk van Rusland. En klaar is kees!
En tijdens het proces daar naar toe mogen we hopen dat de zaak niet uit de hand loopt en we in een wereldconflict terecht komen.”

En ik kon het natuurlijk niet laten om ook nog eens het volgende te schrijven:

“Het conflict betreft in feite onenigheid binnen de mondiale economische elite. De winstrovers en de economische uitbuiters vliegen elkaar in de haren bij het verdelen van de poet. Deze elite maakt gebruik van de politiek om zijn belangen te borgen en houden het ordinaire volk dom met allerlei hersenspinsels zoals religie, socialisme, communisme, fascisme en paaien het vulgus met de loze beloften van iets wat men gemeenlijk “kapitalisme” noemt, maar wat gewoon een eufemisme is voor hebzucht, perfide zelfverrijking, machtswellust en volstrekte liefdeloosheid. En het volk laat zich zoals gewoonlijk als een stelletje kritiekloze halve garen voor de gek houden. Het volk weet niet beter. Zij worden al eeuwen lang besodemieterd door de randcriminele economische elite. Laat ze het maar lekker gaan uitvechten, maar besef wel dat het de gewone man is die het geweer vasthoudt en dat het de laffe geldgraaier is die de bevelen uitvaardigt. Zolang gerechtvaardigde kritiek door het grootste gedeelte van de gegoede middenklasse het “mopperen” wordt genoemd van oude verzuurde mannetjes, kunnen wij een ommekeer hier in Nederland gevoegelijk vergeten. Dan verandert er echt niets! Ik zou zeggen, het is nu 100 jaar geleden, het kan wel weer!”

Een soort raar en uit machteloze woede geschreven manifest. Het is de mondiale economische elite en hun miljarden gehersenspoelde volgers die het spel keurig meespelen en die deze aarde steeds meer bevuilen met hun onmatigheid en  hun dwangmatige overconsumptie ingegeven door de door hen aangehangen egalitaire neoliberale “filosofie”. Soms wordt ik kotsmisselijk van de liefdeloze, keiharde wereld die we bezig zijn te creeren. Ni dieu, ni maitre!!!

3 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

“HARVEST” van Jim Crace. Een prachtig boek!

DSC_0218

Soms heb je het wel eens. Een “klik” met een schrijver. En ik heb het met Jim Crace. Deze man is episch, lyrisch, stilistisch en poëtisch een enigma. Naar mijn mening, want het is mijn smaak natuurlijk. Zijn taalgebruik vind ik fabuleus. Oog voor detail. Enorme kennis van het onderwerp waarover hij schrijft. Het kan niet op.

“Harvest”, want over dat boek gaat het hier, beschrijft een cruciale week uit het leven van een man die temidden van een vrij archaische, zelfvoorzienende dorpsbevolking leeft. In de 18de eeuw. In Engeland. Deze bevolking wordt van hun land verdreven door een “vernieuwing” die industriële revolutie heet. Zij moeten op bevel van een plots opduikende, kille en tyrannieke landheer plaats maken voor schapen, omdat met wol en alles wat daarmede samenhangt, bakken met geld, en dat wil zeggen macht, bezit en aanzien kan worden verkregen voor mijnheer de landheer. Het hoofdpersonage beschrijft zijn wederwarigheden in de hoedanigheid van de betrekkelijke buitenstaander die bij wijze van toeval binnen deze “primitieve”, zelfvoorzienende, dorpse samenleving is komen te wonen.

Het boek is prachtig geschreven. In een rustige, prettige en wat archaische, stijl. Er worden door de schrijver veel ouderwetse woorden gebruikt ter duiding van de omringende flora, fauna en dorpse tradities. Hierdoor wordt de “romantische” sfeer van de 18de eeuw binnen die vrijwel totaal geïsoleerd levende gemeenschap van hecht met de hen omringende natuur verbonden dorpsmensen uitstekend getroffen. Ik vind de alles omvattende eenheid van stijl en het daarbij behorende woordgebruik zeer verrassend en ik kan me niet heugen dat ik ooit zoiets consistents en “treffends” heb gelezen. Hiervoor alleen al hulde aan deze, in Nederland vrijwel onbekende, literaire schrijver.

Het hoofdpersonage komt levensecht uit de verf en handelt en denkt conform de positie van een relatieve buitenstaander. Iets wat zo nu en dan een sfeer van eenzaamheid, van onthecht zijn, oproept. De hoofdfiguur is eigenlijk steeds de speelbal van snel wisselende omstandigheden, en komt soms zelfs in de rol van de niet-betrokken buitenstaander terecht, waardoor de dorpelingen zich zo nu en dan tegen hem dreigen te keren.

Het boek zit logisch in elkaar. Het houdt op een uitstekende wijze vast aan de literaire formule van “eenheid van plaats, tijd en handeling”. Dit maakt, naar mijn mening, dat het boek uiterst prettig leest.

Vernieuwend vind ik dat de schrijver het “verhaal” naadloos en compromisloos laat samenvallen met de de handelwijze en de denkwereld van, in de 18de eeuw levende, ongeletterde mensen die hun hele bestaan besteden aan het overleven in de, nog niet door de mens getemde, overweldigende natuur. Men leeft op geleide van het ritme van de seisoenen en ondergaat gelaten de directieven van de natuur.

Het boek raakt mij omdat het mij helemaal geen moeite kost me te vereenzelvigen met het hoofdpersonage. Het is alsof ik zelf alles meemaak en of ik zelf in dat geteisterde dorp woon. Er zijn geen storende stijlfouten of anderszins factoren van “buitenaf” die deze vereenzelviging in de weg staan. Het is een realistische roman die met zorgvuldigheid en heel veel liefde voor de taal is geschreven, maar die “episch” gezien ook zijn toontje meeblaast in de vorm van een duidelijke en soms zelfs spannende verhaallijn. Maar de literaire component blijft in het boek, volgens mijn leesbeleving, toch duidelijk dominant.

Ik heb geen expliciete boodschap in het boek ontdekt. Wellicht geeft het boek nog weer eens een bevestiging van het gegeven dat “toeval” een groot deel van een mensenleven bepaalt. Ook lees ik in het boek een veroordeling van bekrompenheid, van geborneerdheid en geslotenheid.

Het is een bijzondere leeservaring, dit boek, vind ik. Een aanrader dus!

NB. Ik geloof dat het boek alleen in het Engels is te verkrijgen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized