Maandelijks archief: juli 2014

Eigenstandigheid en authenticiteit kunnen bescherming bieden tegen nihilistische groepsdwang en hypocrisie.

De man met de hamer. De held van het hebzuchtige volk.

De man met de hamer. De held van het hebzuchtige volk.

 

 

Het is nu ruim een week na het Vliegtuig. Want, en daar komt het eerst cliché al, “er viel een Vogel die geen vogel was”. Er viel een voertuig gevuld met Liefde en Hoop. Vernietigd door wreed geweld en gewetenloze agressie.

En daar zitten we dan. Wij, de achterblijvers, met, en daar komt het tweede cliché : “heel veel vragen”. Overigens ( “By the way”, zou de Engelsman zeggen) heb ik de rampen-cliché-man wel gemist. Hij zette vroeger altijd op een plek des onheils een bord met, het derde, maar wel het mooiste cliché : “Waarom?”, of in het Duits “Warum?”, een woord dat ik in die teutonentaal persoonlijk nog veel mooier en onheilspellender vind klinken, “Warum?”, prachtig toch!!!!

De afgelopen week moesten troostende en relativerende woorden op een goudschaaltje gewogen worden. Men is in perioden van heftige collectieve rouw enorm snel gekwetst. Je zegt dan namelijk al snel dingen waarvan iedereen meent te weten dat die de directe “Nabestaanden” beledigen en vreselijk pijn doen. Dus alstublieft zorgvuldig binnen de groepsnormen blijven. En, in godsnaam, geen vreemde, relativerende of al te vrolijke dingen zeggen. Want dat zou je zomaar de sociale of collegiale kop kunnen kosten. Wees op uw hoede. De ander t.w. uw zeer gewaardeerde medemens, haalt al uw woorden van welgemeend medeleven op uiterst kritische wijze door zijn eigen ethische emotiescan en plakt er vervolgens zijn zelfverzonnen etiket van goedkeuring of afkeuring op. Inmiddels zijn er in dat kader zomaar totaal nieuwe woorden bijgekomen, t.w. tokkieverdriet, intellectuelenverdriet en verdrietdirigent. Prachtig toch hè, al die verbale creativiteit in tijden van diepe smart. Wat zijn we met zijn allen toch eigenlijk een stelletje hypocriete poseurs.

Noot.

“Er bestaat kennelijk een pathologische, populistisch gestuurde, groepsdwang die iedereen verplicht om in voorkomende gevallen te rouwen. Geef je geen gehoor aan die onsympathieke groepsdwang dan deug je niet, dan ben je keihard en heb je geen gevoel in je donder. Ik ben het niet vaak met Grunberg eens, maar dit keer wel. Ik laat me door een ander wat dat betreft niet de wet voorschrijven en zeker niet wanneer het om zoiets persoonlijks als mijn eigen emoties gaat. Zijn ze nu helemaal gek geworden!

Maar dat terzijde!”.

Wat het wel goed doet bij die zeventien miljoen in extreem diepe rouw gedompelden is de volgende bewering: “Als we militair sterker waren geweest was die hele Oekraine-onzin niet gebeurd”. Tricky, maar volgens mij kan het net.

Ruim een week na het Vliegtuig is Nederland emotioneel helemaal één geworden. Wij voelen dat we één volk zijn. Eén natie!!! Iedereen die voor het Vliegtuig nog mocht twijfelen aan de Nederlandse identiteit zal dit jaar van zijn ergerlijke, anti-sociale dwalingen genezen zijn. Wij zijn emotioneel weer één geworden en daar mogen we best wel trots op zijn, vierde cliché al weer.

Maar met onze ratio, de intelligentie, het verstand, zo u wilt, zit het toch weer iets anders dan met die warm aanvoelende, egaliserende emotie. Intelligentie is namelijk niet gelijk verdeeld over het volk. Er zijn slimme mensen, iets minder dan de helft van de bevolking, en er zijn domme mensen, iets meer dus dan de helft. Er ontstaat, bij gebrek aan verdere doorslaggevende en egaliserende factoren, dus een groot sociaal, cultureel en economisch verschil tussen hoogopgeleide mensen, en laagopgeleide mensen. En dat is niet zo mooi. Helemaal niet zo mooi, eigenlijk!! Want door deze grote verschillen in toebemeten intelligentie krijg je mensen met heel veel geld aan de ene kant en afgunstige arme sloebers aan de andere kant. En dat dan allemaal weer in een maatschappij waar alles, maar dan ook werkelijk alles, om geld en de afgeleiden (bezit, macht en sociale status) van geld draait. Door deze perfide dynamiek ontstaat afgunst, frustratie, rancune en heel veel ander “lijden”. Allemaal uiterst negatieve emoties dus, die bijna rechtsstreeks voortvloeien uit die vermaledijde ongelijkheid op het gebied van intelligentie. Wat leven we toch in een verduiveld gecompliceerde wereld!

Maar er is nog hoop!

Want gelukkig bestaat er in de periferie van onze samenleving en geraffineerd verborgen gehouden voor het oog van de conformistische en commercieel gehersenspoelde menigte, een minuscuul kleine groep mensen die wezenlijk anders is en waartoe ik, tot mijn grote spijt, helaas niet kan behoren. Deze kleine groep laat zich niet leiden door de ordinaire directieven en dwang van de groep en vecht zich met behulp van hun werkelijke authenticiteit, humor en eigenstandigheid een weg door het van hartstocht dampende oerwoud van hypocriete en populistisch gedefinieerde waarden, zeden en normen. Een minuscule verzameling zonderlingen die zich geen oor wenst te laten aannaaien door gewiekste, liefdeloze en gewetenloze hogepriesters van hebzucht en megalomane, narcistische zelfexaltatie. Na het Vliegtuig zal deze kleine groep mensen het nog moeilijker krijgen. Met het Vliegtuig, en dat laat zich raden, is per definitie ook de humor verdwenen. Humor is in de ogen van de zwijgende meerderheid een belediging geworden, want humor is immers relativering en relativering is intellectueel en niet respectvol, dus elitair en dus verwerpelijk. Hoedt u in tijden van rampspoed dus voor humor, want het zal u nog jaren nadien nagedragen worden.

Het Vliegtuig heeft iets gestart en we weten niet waar het gaat eindigen.

En zo hebben we dus inmiddels: “9/11”, de “afschuwelijke moorden” en nu het “Vliegtuig”. De rampen stapelen zich opeen en het wordt bijna teveel voor één volk om te dragen. Ik kom dit hele jaar mijn bed niet meer uit!

Advertenties

4 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Nico Dijkshoorn schrijft van zich af.

De schrijver zelf maakt natuurlijk ook gedichten.

De schrijver zelf maakt natuurlijk ook gedichten.

Bij toeval kreeg ik de beschikking over een boek van Nico Dijkshoorn. De titel luidt: “In zijn nabijheid”. Ik heb het in de vakantie gelezen. Het was voor mij zowel een vervreemdende als een humorvolle belevenis! Het viel me helemaal niet tegen. Maar het was voor mij wel aanleiding om me even iets meer te verdiepen in de persoon die Nico Dijkshoorn eigenlijk is. Ik kreeg namelijk heel erg sterk het idee dat wat hij schrijft één op één is terug te voeren op de wordingsgeschiedenis van zijn persoonlijkheidsstructuur.

Nico Dijkshoorn ken ik van DWDD. Meestal vind ik hem leuk, amusant en duidelijk, soms vind ik het helemaal niks. Ik heb zo mijn gedachten over Nico. Dat hij vroeger de huisdichter van Geenstijl was vind ik bijvoorbeeld niet in zijn voordeel pleiten, maar zegt nog niets over zijn artistieke vaardigheden. Duidelijk is wel dat Nico een hekel heeft aan poseurs. Hij heeft een afkeer van mensen die met veel, soms pseudo-intellectuele, bombast de fiks opgepoetste pompeuze loftrompet over zichzelf steken. Ik vind het dan altijd weer aardig om eens na te gaan waarom Nico is zoals hij is. Waarom schrijft en becommentarieert hij een scala van onderwerpen op die voor hem zo kenmerkende wijze? Bij Nico Dijkshoorn zijn cynisme, sarcasme en de drang tot ontmaskering van verborgen opschepperij de kenmerkende en verbindende elementen binnen zijn literaire werk.

Ik denk dat Dijkshoorn bij zichzelf eigenschappen en hebbelijkheden heeft ontdekt, waarvan het besef uiteindelijk heeft geleid tot de persoonlijkheid die hij nu is. Hij kan niet los komen van het oordelende oog van de ander. Hij gaat nog steeds gebukt onder de perverse tyrannie van de sociale groepsdwang. Nog steeds wil hij eigenlijk niet opvallen. En als hij dan toch opvalt dan wil hij dat het liefst met de sociale instemming van de groep. Nico is er nog steeds niet ingeslaagd om zich los te maken van de verlammende en vaak mild nihilistische en egalitaire invloed van de groep. Nico is bang om uitgelachen te worden. Nico is bang om echt raar gevonden te worden. Nico wil wel anders zijn maar zeker niet dusdanig anders dat hij een eccentrieke zonderling wordt die buiten de groep wordt geplaatst. Hij wil bewondering, maar hij wil zich ook, met de sociale concensus van zijn peergroup, afzetten tegen alles wat naar elite of naar elitair gedrag riekt. Hij wil de eenvoudige, getalenteerde jongen van de gestampte pot zijn. De “altijd gewoon gebleven” selfmade kunstenaar met een grote schare bewonderaars. En dit totale psychische mechanisme werd al in de steigers gezet toen hij nog zeer jong was. Het was, volgens Nico’s eigen woorden, zijn vader die door zijn dominante, narcistische persoonlijkheidsstructuur de bouwstenen leverde waarmede het karakter van Nico werd opgemetseld tot het imposante, verbazingwekkende en gecompliceerde bouwwerk dat het nu is.

Nico Dijkshoorn schreef kennelijk, zo blijkt mij nu, ook zelf al een boek over zijn vader. “Nooit ziek geweest”, heet het. Ik heb het via de internetzoekmachine opgezocht en kon over dat boek wel meer dan 15 recensies lezen. Verbazingwekkend!!! Leitmotiv bij die recensies is de opvatting dat het getuigt van grote morele moed om op zo’n destructieve wijze over je akelige vader te schrijven. De een vindt dat prachtig en fantastisch, een kleine minderheid vindt het lijken op natrappen van een zielige arme man die inmiddels aan Alzheimer lijdt. Ik kan er zelf niet over oordelen. Ik heb het boek niet gelezen, maar ik ga dat zeker nog doen. Alleen al door al die recensies te lezen krijg je een redelijk goede indruk van de akelige jeugd die Nico Dijkshoorn moest doormaken. Het is niet verbazingwekkend dat hij daardoor geworden is wat hij nu is.

Ook het hoofdpersonage in “In zijn nabijheid” (Wim ‘Beest’) is een beklagenswaardige en hopeloze persoon die gebukt gaat onder een lachwekkend superioriteitscomplex, die over geen enkele relevante zelfkennis beschikt en die totaal geen empathie voor zijn medemensen weet op te brengen. Wim ‘Beest’ wordt erg bekend maar hij kan eigenlijk helemaal niets. Een gegeven dat kenmerkend is voor menig BN ‘er.

Dijkshoorn stelt het hoge artifarti-reutelkontengehalte van menig “kunstliefhebber” genadeloos aan de kaak. Hij doet dat heel goed en met een humor die mij wel ligt.

Het boek blijft desalniettemin een niemendalletje en ik denk niet dat Dijkshoorn tot meer in staat is. Wel is hij een uitzondering afgezet tegen de doorsnee jonge moderne mens. Hij kan zich namelijk wel zodanig lang concentreren dat hij een boek kan schrijven. En dat is in deze tijd al mooi meegenomen.

4 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Scandinavische detectives. Ik las in de vakantie “De slager van Klein Birma” van Håkan Nesser.

Zweden

Zweden

Håkan Nesser is een van de belangrijkste Zweedse schrijvers van detectiveromans. Ik vind Håkan Nesser de beste in zijn soort. Hij paart humor en realiteitszin aan prachtige plots en verliest nooit de menselijke maat uit het oog.

Dit boek, ‘De slager van Klein Birma’, is er een uit de Barbarotti-reeks. Barbarotti is een door het leven geteisterde politie-inspecteur die het klappen van de zweep kent. Hoewel Barbarotti, zoals zijn naam al doet vermoeden, een Italiaanse vader heeft, is hij, naar mijn mening, het prototype van de Zweedse man. Namelijk een sonore kerel van weinig woorden maar wel iemand met een, kennelijk, diep gevoelsleven. Even een explicatie van mijn kant over stille mensen. Er zijn stille mensen die om, voor de hand liggende redenen, stil zijn, namelijk omdat zij in feite niets te vertellen hebben. Mensen zonder verhalen dus. Saai en stil. Je hebt ook een ander soort stille mensen op wie het spreekwoord van toepassing is: “Stille wateren hebben diepe gronden”. Welaan, zo’n persoon is m. i. Barbarotti.
Barbarotti denkt er fiks op los maar deelt zijn gedachten maar hoogst zelden met anderen. En als hij dit dan wel doet, dan toch alleen met de vrienden, collega’s en familie die hij vertrouwt. Bescheidenheid, humor en een licht cynisme vormen hiervoor de onderliggende redenen. Hij vindt dat de wereld al te veel bevolkt wordt door nietszeggende schreeuwers en door pompeuze en bombastische blaaskaken. Maar ho, wacht even, nu zet ik e.e.a. waarschijnlijk weer veel te zwaar aan, want Barbarotti is eigenlijk veel te mild van karakter om dergelijke etiketten op zijn medemensen te plakken. Bij hem blijft het voornamelijk bij goedwillende, milde spot.

Dit boek gaat over het “oplossen” van een ‘cold case’ die Barbarotti bij wijze van arbeidstherapie wordt toegeschoven nadat hij een groot persoonlijk verlies heeft moeten doormaken. Het gaat over tasten in het duister, over nagaan van vage aanwijzingen en over doodlopende deelonderzoeken. Ik zal niet verder op de inhoud van het boek ingaan want dat bederft de pret.

De scandinavische detectives munten uit in alledaagsheid, in het samenvallen met een werkelijkheid die iedereen kent. Het gaat over normale mensen en normale emoties. Het gaat over normale mislukkingen en levens die uiteindelijk uitmonden in misdaad als schijnbaar enige oplossing voor gerezen problemen. Er zijn geen spectaculaire auto-achtervolgingen, er zijn geen vuurgevechten met tot de tanden toe bewapende gangsters en het speelt zich niet af in een samenleving waarin misdaad eigenlijk de normaalste zaak van de wereld is, zoals in de geperverteerde Amerikaanse maatschappij. Men toont begrip voor de zwakkeren in de samenleving en men zoekt de werkelijke motieven achter de misdaad. De wereld wordt in ieder geval niet op een primitieve wijze opgedeeld in winnaars en verliezers. De personages voeren normale dialogen en bedienen zich niet van gelikte, modieuze en onwerkelijke one-liners. Kortom als we een Scandinavische detective lezen, lezen we een boek over een normale wereld met normale mensen en gaat het niet over een krankzinnige, commercieel totaal geperverteerde samenleving waarin zich slechts helden of schoften ophouden en waarin alle morele grijsgebieden zijn verdwenen.

In “De slager van Birma” wordt op een aangrijpende manier verhaald over ongelukkige mensen, over het alledaagse kwaad en over verkeerde keuzes. Mensen handelen goed of slecht afhankelijk van de context die hen wordt geboden door tijd en plaats. In dit boek vervaagt de scheiding tussen goed en kwaad. Het zet aan tot nadenken.
De plot is logisch, eigenlijk net zo logisch als het leven zelf.

De Scandinaviër is niet zo sterk een groepsmens als de Nederlander dat is. In Nederland zijn nog veel overblijfselen van die oude middeleeuwse Christelijke schaamtecultuur terug te vinden, met grote nadruk op de collectieve waarden en normen van de groep en daardoor, per definitie, met een wat minder sterk ontwikkelde individuele gewetensfunctie. Juist deze sterker ontwikkelde gewetensfunctie bij de individuele Scandinaviër maakt boeken zoals “De slager van Klein Birma” voor mij zo interessant. Men bepaalt op basis van eigen moreel kompas zijn eigen leven en zijn houding t.a.v de medemens en laat zich niet, zoals wij dat in Nederland gewend zijn te doen, al te sterk leiden door waarden en normen van de groep. E.e.a. maakt dat ik mij sterk voel aangetrokken tot de Scandinavische literatuur en de Scandinavische cultuur in zijn algemeenheid.
Dat is ook de reden dat zulk soort boeken mij steeds weer raken. Ik ben me bewust dat ik het noorden wellicht teveel idealiseer, maar het is gelukkig niet anders.

Daar komt nog bij dat ik vind dat Håkan Nesser qua stijl en formulering heel goed schrijft. Soms is het bijna literatuur!!

Ik heb dit boek met heel veel plezier gelezen en ben weer gesterkt in mijn gevoel dat ik heel erg graag in Zweden had willen leven. Maar helaas nemen gedane zaken nu eenmaal geen keer.

6 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

“De waarheid over de zaak Harry Quebert” Joël Dicker.

Amerika.

Amerika.

De waarheid over de zaak Harry Quebert” geschreven door Joël Dicker is een opmerkelijk boek. Joël Quebert is namelijk een Fransman, maar hij schrijft een puur Amerikaans verhaal. Dat werkt vervreemdend. Hij vermengt de bizarre uitkomsten van een verborgen, min of meer verboden, romantische relatie – precies dat soort “literaire” relaties (zie Lolita van Nabokov) dewelke de Fransen zo na aan het hart liggen – met een bijna Stephen King–achtige verhaaltrant.

Bovengenoemd gegeven is best verrassend. Ik heb zoiets vreemds nog nooit eerder gelezen in ieder geval.

Het morele element is steeds aanwezig in dit boek. De hoofdpersonages worden verscheurd door hun vrijwel constante afwegingen tussen goed en kwaad. Er wordt door hen, zij het niet altijd even expliciet, veel nagedacht over hun handelen en de daaraan verbonden morele consequenties. Ik vind dit eigenlijk heel erg Frans en het komt op mij allemaal een beetje raar over in zo’n puur Amerikaanse setting. De hoofdpersonages worden gekweld door schuldgevoelens met betrekking tot hun daden en hun leugens.

Het boek zit op een verrassende wijze uiterst logisch in elkaar. De complexe plot is prachtig en maakt dat het boek een echte “pageturner” wordt. Ik vind de sfeer erg beklemmend en de plotwendingen uiterst verrassend.

Het is niet echt een vernieuwend boek, of het zou moeten zijn dat de Franse schrijfcultuur wordt geïmplementeerd wordt in een overduidelijke super Amerikaanse setting. Het is alsof Houellebecq een cowboyboek schrijft.

Ik werd niet echt geraakt door het boek, omdat het daarvoor toch teveel “episch” is geschreven. Het verhaal sleurt je wel mee op een achtbaan van plotwendingen en verrassingen, maar het is niet dusdanig geschreven dat het bij mij diepere gevoelslagen aanspreekt. Dit ondanks het feit dat de liefdesrelaties door de schrijver best vlammend en indringend worden verwoord. Het komt, denk ik, doordat de schrijfstijl van de auteur niet dusdanig indringend is dat deze in staat is bij mij duidelijke emoties te evoqueren.

Het verhaal lijkt, als je het zo leest, best wel geloofwaardig, maar bij nadere beschouwing, dus nadat je het boek gelezen hebt, moet toch geconcludeerd worden dat er enkele moeilijk te verteren omwaarschijnlijkheden in het boek voorkomen. Dit is echter een puur persoonlijke constatering en kan door een andere lezer totaal anders worden gewaardeerd.

In ieder geval is het wel zo dat de werkelijkheid vaak vreemder en meer bizar is dan wat de wildste fantasieën ons kunnen voorschotelen. Wat dat betreft loopt de schrijver dus niet uit de pas.

De boodschap die het boek, net zoals overigens vele andere boeken, overbrengt is dat het leven aan elkaar hangt van goede en slechte keuzen. Een slechte (vaak impulsieve) keuze kan maken dat het ongeluk en het “lijden” in het leven van een mens zich exponentieel kan vermeerderen. Zo ook dus bij de hoofdpersonages in dit boek. Een duidelijke maatschappelijke boodschap heeft het boek niet. Het typische Amerikaanse zwartwitdenken over goed en kwaad is goddank afwezig in dit boek.

De stijl en de formulering vind ik niet bijzonder goed. Het boek wordt nogal opgehemeld in Frankrijk. Dat is terecht voorzover het de epiek, de spanning en de complexe plot betreft, maar is niet op zijn plaats als het over de stijl gaat.

Een aanrader om tijdens de vakantie te lezen. Ik heb heel veel plezier beleefd aan dit boek.

1 reactie

Opgeslagen onder Uncategorized

Nog een keer onze vakantie in Lorgues, Frankrijk.

Gorge de Verdon.

Gorge de Verdon.

DSC_1290

Cypressen in symmetrie.

Cypressen in symmetrie.

Een paar dagen geleden probeerde ik iets over mijn vakantie in Frankrijk op dit blog te zetten. Met een paar leuke foto’s natuurlijk. Als herinnering aan een vrolijk, gedenkwaardig en leerzaam verblijf in het land van de Grote Cultuur. Het lukte me niet. Die duivelse digitale techniek liet zich door mij maar niet adequaat aansturen zodat lay-out, volgorde van foto’s en nog wat andere relevante zaken steeds weer mislukten. Ik kan door deze evidente onkunde van mijn kant plotsklaps ontsteken in een felle en onredelijke woede. Dan geef ik iedereen, behalve mijzelf natuurlijk, de schuld en ik gebruik, eigenlijk geheel tegen mijn gewoonte in, vlammende en onbetamelijke taal om die vervloekte digitale rotzooi weer tot medewerking te bewegen. En zo kon het dus geschieden dat er een bericht van mij op OBA kwam te staan dat geen bericht is. Dat valt te betreuren.

Wij komen vaak in Italie. Een rumoerig, heet en verwarrend land met prachtige cultuurschatten, maar ook met de meest corrupte overheid binnen Westeuropa. Ik ben de Italiaanse taal niet machtig dus ik moet er maar naar raden wat die druk pratende en gebarende mensen mij proberen wijs te maken. In Frankrijk is dat anders. Ik wil niet beweren dat ik vloeiend Frans spreek, maar ik kom wel een heel eind. Ik begrijp bijna alles, slechts het op tijd vinden van juiste zinsconstructies bij ingewikkelde conversaties levert nog wel eens moeilijkheden op en heeft dan een storende invloed op het verloop van die gesprekken.

Deze vakantie werkte ik aan een project. Door mij werd getracht om van alle Fransozen die ik sprak hun mening over Nederland te ontfutselen. Wat wisten ze van Nederland en wat vonden van ons land. Het hele project is een enorme deceptie geworden. De meeste Fransen (en daar waren ook veel hoog opgeleide mensen bij) wisten eigenlijk niets van Nederland. Zij kwamen niet verder dan hun vermoeden dat alle Nederlanders aan de verdovende middelen verslaafd waren, dat alle Nederlanders enorme cultuurbarbaren waren, en dat wij eerder bij die, door hun vervloekte oppervlakkige en materialistische Anglosaksische cultuur behoorden dan bij de verheven en hoge cultuur van het Europese continent. Verder kwamen ze eigenlijk niet. Dus één grote klaagzang in de vorm van vooroordelen en leugens.

De rest van de vakantie hebben wij gezwommen, gewandeld, natuurschoon bewonderd en het culturele erfgoed van Frankrijk bezocht.

Ondanks alles zagen wij dat het goed was.

1 reactie

Opgeslagen onder Uncategorized