Maandelijks archief: oktober 2011

Overbevolking en de toekomst.

Krioelende mensenhoop.

Je zal er maar wonen!!!

“Het Vervolg”. De Volkskrant van 29 oktober 2011. Een angstaanjagende foto van een stad. Mexico City heet de stad. Heuvels bedekt met een onafzienbare zee woningen, krotten, wegen en gebouwen. Zo ver het oog reikt, huizen, huizen en nog eens huizen. Mexico City, stad met meer dan twintig miljoen inwoners. Een onleefbare stad. Een stad waar de misdaad de boventoon voert en een mensenleven eigenlijk niets waard is. Opgaan in de massa. Verloren raken. Wegdrijven van het Goede. Je kapot vechten om te overleven in een jungle van steen en beton.
Hoe gaat het met je? Met mij gaat het goed. Ik ben er één van twintig miljoen. Je kunt mij zo inwisselen voor een ander. Ook denk ik net als alle anderen. Ik vecht om te overleven in deze hel van anonimiteit en onverschilligheid.

Rond 2050 leven er ongeveer 9,3 miljard mensen op deze planeet en rond 2100 ongeveer 10 miljard. Kan dat? Mag dat? Ja, het kan wel, maar het mag niet. Maar van wie mag dat dan niet? Nou, het mag niet van mij. Ik vind dat het niet zou moeten mogen. Is het belangrijk dat ik dit vind? Nee, het is helemaal niet belangrijk dat ik dit vind. Er zijn namelijk zeven miljard mensen die altijd wel iets van iets vinden. Is dat dan toch heel belangrijk? Nee, dat is volgens mij niet belangrijk want het blijven zeven miljard individuen die met zijn allen voornamelijk voorgeprogrammeerde saaie gedachten hebben. Gedachten die net zo onbelangrijk zijn als de eigen saaie en voorgeprogrammeerde gedachten. Gedachten die de onafwendbare en onverbiddelijke toekomst niet kunnen veranderen. Want de toekomst ligt vast. Hoe je het ook wendt of keert en hoe fanatiek je ook het tegendeel wilt beweren omdat je jouw eigen inherente rozebrilachtige illusie van de “vrije wil” koestert. De vermeende belangrijkheid van al die soms sterk overgewaardeerde gedachten en al die krakkemikkige producten van zelfbenoemde en verwaten slimheid zal verdampen als je bereid bent dat alles te beschouwen binnen het gietijzeren kader van de onontkoombare werkelijkheid der toekomst. Voor mijzelf zijn mijn gedachten dus zeer belangrijk. Uiterst belangrijk. Maar ik ben me er van bewust dat het slechts “Spielerei” is. Ik lijk origineel, maar ik ben het niet. Verre van dat. Alles is al een keer bedacht en gedaan. Als je dit allemaal beseft en hebt verinnerlijkt dan pas kan het werkelijke leven beginnen.
Het leven in het hier en nu. Het leven in het besef van de onontkoombaarheid van de totaalheid der dingen opent de weg naar de werkelijke vrijheid. Maar deze vrijheid is maar voor enkelen weggelegd als ik meneer Boeddha moet geloven.

Ik heb zo maar het gekke idee dat de aanwezigheid van tien miljard mensen op een kleine aarde niet echt goed kan zijn voor de geestelijke gezondheid van al die aardbewoners. Ik denk dat ze er een beetje gek van gaan worden. Zonder dat ze het zelf in de gaten zullen hebben. Het begin van dit proces is nu al waar te nemen. Ze gaan elkaar langzaam maar zeker opvreten. Figuurlijk gesproken dan. De uitwassen van de hebzucht zullen in de vorm van een steeds populistischer kapitalisme de mensen meer en meer conditioneren. Authenticiteit gaat verdwijnen. Je kunt geen tien miljard mensen in bedwang houden die allemaal wat anders willen. Nee, het moeten gehersenspoelde mensen zijn. Mensen die het fijn vinden om met miljoenen op een plek te wonen. Om met miljoenen hetzelfde te doen. En om met miljoenen hetzelfde te denken. Mensen als mieren. Inwisselbaar. Brood en spelen. De illusie creëren dat jezelf heel uniek en bijzonder bent terwijl je steeds meer op je buurman gaat lijken. Uiteindelijk eindigen we met mensen die via allerlei, in hun lichaam geïmplanteerde, elektronica steeds meer op robots zullen gaan lijken.

Maar zo ver zal het uiteraard niet komen. De mens zal door eigen toedoen de aarde vernielen zodat er nagenoeg geen mogelijkheden meer overblijven voor menselijk leven. Rond 2100 zullen we een aarde zien die nauwelijks nog voor mensen bewoonbaar is. Maar dan is de teerling al geworpen. Dan hebben we domheid en hebzucht laten prevaleren boven de ratio.

Ik wens u overigens nog een prettig leven toe met heel veel vakanties, nieuwe auto’s, ingrijpende waardevermeerderende verbouwingen, tweede huizen, zeiljachten en vliegtuigen. Geniet er van nu het nog kan. Na ons de zondvloed!!!

Advertenties

8 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Anne.

UWV en nieuwe keuken.

Verbouwing 2010.

Het een wordt altijd afgewogen tegen het ander. Voor wat hoort wat, leert ons een oude zegswijze.

Een lange tijd geleden, toen ik nog heel jong was, heb ik, desgevraagd, eens wat geld gegeven aan een pas getrouwd meisje dat toen dringend behoefte had aan onmiddellijke financiële ondersteuning. Ik voelde een diep medelijden. Zij had een akelige, vervelende en norse man die op uiterst onrechtvaardige wijze de baas speelde. Er was geen geld meer om luiers en voedsel voor het kind te kopen omdat “meneer” zich stelselmatig te buiten ging aan het kopen van luxegoederen ten behoeve van zichzelf. Ik gaf haar iets van twee honderd gulden, dacht ik.
Het hele voorval was ik al lang weer vergeten tot gisteren de deurbel ging, ik open deed en er een vrouw van meer dan middelbare leeftijd voor mij stond.
Achter haar, aan de trottoirband geparkeerd, stond een hele dikke vette dure auto. Een Bentley of zoiets. Zij gaf mij een grote brief en voor ik iets kon zeggen maakte zij rechtsomkeert en verdween in die exclusieve wagen. Mij totaal verbaasd op de drempel van de voordeur achterlatend met een dikke enveloppe in mijn hand.

Wij besloten derhalve onze badkamer te renoveren. Een lang gekoesterde wens. De oude badkuip werd weggehaald en er zou een douchecabine voor in de plaats komen. Wij zaten net beneden koffie te drinken toen een werkman naar beneden kwam met een oud gedeukt koekblik in zijn handen. Hij had het gevonden in een ruimte onder de oude vloer van de badkamer. Bussink Deventer Koek. Ik maakte het open met behulp van een schroevendraaier want de tijd had het blik met behulp van roest stevig verzegeld. Na enige moeite knarste het deksel open. Er zaten drie schoolschriftjes in. De schriftjes waren helemaal volgeschreven. Door een kind. Ik trachtte na te gaan of ik iets naders kon vinden. Een naam of een jaartal. Op de vergeelde etiketjes kon je, met enige moeite, de naam Anne ontcijferen en op elk exemplaar stond een ander jaartal, 1937, 1938 en 1939. Ik nam me voor om de schriftjes later, als de rust in huis zou zijn weergekeerd, te lezen.

Twee weken later hadden wij een prachtige, totaal gerenoveerde, badkamer en hadden we zelfs nog wat geld overgehouden. Onze stokoude buurvrouw mevrouw Schaap, die wekenlang al het drukke gedoe vanuit het zijraam in haar keuken had gadegeslagen, vroeg of zij het resultaat van de verbouwing mocht zien. Natuurlijk mocht dat. Na de bezichtiging dronken wij beneden een kopje koffie en kwamen zo te praten over het verleden. Mevrouw Schaap woonde al in onze straat sedert 1936. Zij was toen een meisje van acht jaar. En zij kon zich herinneren dat in ons huis familie van Anne Frank had gewoond. Anne kwam bijna elke zomer logeren en speelde dan vaak met de andere kinderen uit de straat. Een bizar verhaal leek mij, tot ik ineens moest denken aan die drie oude schriftjes in het koekblik.
Het kan raar lopen.

4 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

De slagerij en het mirakel.

U weet wel!! Levend verleden!

Een lange zomermiddag in San Gimignano. Het Manhattan van Toscane.

Er hangt iets in de lucht. Er broeit iets. De mensen kijken elkaar niet aan. Ja, als de een wegkijkt, kijkt de ander vlug even op. Een verontrustende sfeer. De wolken buiten schieten voortgejaagd door een noordwester storm over de daken naar een bestemming die wel heel ver weg moet liggen. De winkeldeur gaat weer open en er komt nog een klant binnen. Een kleine magere man in een lange zwarte regenjas. Hij heeft een witte baard en hij is kaal. Er staan al minstens tien klanten in de winkel te wachten. Niemand zegt wat. Allen het geluid van het hakmes op het hakblok dreunt de seconden weg. De man in de lange zwarte jas schraapt zijn keel en zegt plotseling met licht galmende stem: “Hoor mij aan, mensen, ik ben in uw midden verschenen om het mogelijke einde van uw wereld aan te kondigen”. De klanten deinzen geschrokken achteruit en de slager zegt: “U bent nog niet aan de beurt”. De man treedt naar voren en zegt: “Uiteraard wenst u van mij een gedegen bewijs of een teken dat het mij menens is. Welaan, ik zal u dat bewijs leveren. Ziet hier de aarde”, roept de man. En vlak voor hem, ter hoogte van zijn hoofd, verschijnt een werveling in de lucht. Een sterk pulserend oranjerood licht dat allengs overgaat in een zacht groenblauwe bol die langzaam de vorm van een miniatuur aarde aanneemt. De continenten en de oceanen zijn duidelijk te onderscheiden. De bol heeft ongeveer de afmetingen van een flinke voetbal. Nederland is als een minuscuul vlekje ook zichtbaar. De slagerswinkel baadt in een blauwgroen licht. De klanten staan bij elkaar in een hoek bevangen door grote schrik en verwondering. “Let nu op”, gebiedt de kleine kale man met de witte baard. Hij priemt een knokige wijsvinger in de richting van de miniatuur-aarde. Het topje van de vinger blijft hangen boven de plek waar Nederland zich op de bol bevindt.
Buiten verandert de dag in de nacht. “Ga naar buiten en aanschouw het wonder mijner wijsvinger!!”, roept de man met een door ontroering en hartstocht verstikte stem. De klanten schuifelen als gehypnotiseerd door de winkeldeur naar buiten om op de stoep naar de lucht te kijken. Een lucht waar geen wolkje meer te zien is. Een hemel die volledig in beslag wordt genomen door een reusachtige wijsvinger, waarvan de bovenkant van de nagel als een enorme rolwolk tegen de horizon staat afgetekend. De lange brede straat is leeg. Er is niemand te bespeuren. Alleen het kleine groepje klanten uit de slagerswinkel is te zien. Enkelen zijn inmiddels in opperste devotie geknield. Sommigen hebben het gelaat met hun handen bedekt. Anderen laten slechts een aanhoudend jammerend gehuil horen.
“U kunt weer binnen komen” roept de man vanuit de slagerij. De klanten gaan de slagerij weer in en heffen hun handen ten hemel. Zij spreken in vreemde tongen en zij scheuren zich de kleding van het lijf. De slager en zijn vrouw hebben zich bij de klanten gevoegd. “Het is een mirakel” piept de slager. “God zij geloofd” roept een oude vrome vrouw. Allen liggen nu geknield voor de kleine kale man met zijn lange zwarte jas. Zij betasten in oprechte aanbidding de slippen zijner mantel. De kleine aarde is er nog steeds. Zij zweeft vlak voor het hoofd van de kleine kale man met het serene gezicht. Hij knipt met zijn vingers. De aarde lost op in de lucht. Buiten is de wind weer hoorbaar. De noordwesterstorm die de wolken voortjaagt over de daken naar een bestemming die wel heel erg ver weg moet liggen.
“Doet u mij maar twee ons ossenworst” zegt de kleine kale Man. Niemand vindt het erg dat Hij voor zijn beurt gaat.

4 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Arnon Grunberg wil het niet snappen om hem moverende redenen..

Mijn bijen zijn nog lang niet dood.

Mijn bijen zijn nog lang niet dood. Honing in overvloed!! Als je maar goed bent voor die beestjes!

Het uiterst negatieve beeld dat Arnon Grunberg meent te moeten geven van deelnemers aan de Occupy-Beweging past naadloos in zijn grimmige en cynische opvatting over de menselijke hoedanigheid. De mens is een kapitalist in hart en nieren. Idealen bestaan niet of zijn slechts verborgen motieven om het streven naar eigen egoïstische materieel gewin te maskeren. De mens deugt überhaupt niet. De mens wil slechts neuken, stelen, elkaar bedonderen, elkaar vermoorden etc. etc. en bakt er ethisch gezien helemaal niets van. Dit wereldbeeld is, gezien zijn joodse afkomst, niet verwonderlijk. Een volk dat eeuwenlang slachtoffer is geweest van het perfide en xenofobische gedrag van medemensen heeft mijns inziens het volle recht om collectief getraumatiseerd te zijn. De keiharde, zakelijke en soms bijna gewelddadige reactie van zo’n volk op het hen aangedane onrecht krijgt dan al gauw collectief gestalte in de vorm van overtrokken agressie, buitenproportioneel cynisme en vaak ook in een sterk immorele en hedonistische levenswijze. Tot zover mijn psychologische verklaring van de koude grond. Ik denk dus te begrijpen waarom Arnon Grunberg zo tekeer gaat. Maar hij doet er de mensen van de Occupy-Beweging geen recht mee. Zo erg is het echt niet. Het zijn niet allemaal crypto-bankiers die desnoods ook wel genoegen nemen met de helft van een bankierssalaris omdat ze, zoals Arnon Grunberg heel cynisch opmerkt, zo bescheiden zijn.
Er bestaan idealen! Die idealen hebben vooral te maken met immateriële zaken zoals Liefde, erbarmen, solidariteit, empathie, vergeving. Op geleide van die idealen dient een nieuwe (nog) betere samenleving gegrondvest te worden. Die idealen zouden eigenlijk als een rode draad door alle geledingen van de samenleving moeten lopen. Maar het zijn juist deze immateriële zaken die in onze door en door geëconomiseerde samenleving niet of nauwelijks meer aan de orde komen. Het inherente grote wantrouwen dat het vrijemarktdenken per definitie aankleeft is verantwoordelijk voor het ontstaan van een keiharde maatschappij waarin iedereen probeert weg te graaien waar hij bij kan en waar kwade trouw het leitmotiv is van het contemporaine denken en handelen. Het is momenteel ieder voor zich en god voor ons allen.

In dat ijskoude onverschillige neoliberale klimaat staat het vermelden van idealen gelijk aan doodzonde. De neoliberalen zijn realisten en vertellen dat aan iedereen die het maar wil horen. Zij moeten al helemaal niets hebben van zwevers en luchtfietsers. Hun denken en handelen gaat niet verder dan de economische kant van een mensenleven. De filosofie is eenvoudig. Goederen zijn schaars en zullen steeds schaarser worden. Je moet dan ook je stinkende best doen om het zover te krijgen dat jij het best geëquipeerd bent om die schaarse goederen te pakken alvorens een ander je te vlug af is. Dat kan door heel veel diploma’s te behalen en je kritiekloos te voegen in het nog steeds groeiende witteboordenleger van fraudeurs, exorbitante zelfverrijkers en oplichters dat zich, als enig echte zinvolle levensvervulling, ten doel heeft gesteld om zich een zo groot mogelijk stuk van de economische koek toe te eigenen. Ontbreekt je de ruggengraat of het vereiste IQ om diploma’s te behalen dan kun je proberen om al dat geld en die begerenswaardige consumptiegoederen van anderen af te pakken via legale en desnoods via illegale wegen. Kun je dat ook niet, dan ben je gewoon een armzalige beklagenswaardige loser die alle ellende volledig aan zichzelf te danken heeft. Er is geen enkele reden om zulke domme en ruggengraatloze losers te helpen. “Niet van mijn belastingcenten” is dan de mantra van de economische winnaars.

Het is goed dat er een brede beweging is ontstaan die zich verzet tegen de dominantie van het geld, de destructieve economische groei en de graaiende hogepriesters en toverdokters van de financiële wereld. Ik steun deze beweging van harte en hoop dat men gaandeweg in staat is om een adequate strategie te bedenken om het slechte in deze wereld het hoofd te bieden.

2 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Vingerwijzing in Milaan. Cryptische boodschap voor overlevers.

De dood kwam uit de lucht vallen.

Een dode vogel in een dode stad.

Begin augustus 1962 was ik met mijn vader en moeder op vacantie in Italië. In de buurt van het Comomeer. Pognana, om precies te zijn. Op 6 augustus 1962 echter – ik was toen vijftien jaar – bevond ik me in Milaan en hoorde aldaar op het Centraal station, waar mijn vader een Nederlandse krant wilde kopen, dat Marilyn Monroe was overleden. Voor mijn vader was dat een hele slag. Hij adoreerde namelijk dit zwoele, blonde en volledig door Hollywood gedresseerde sekssymbool. Ik beklom die middag ook de Milanese Dom teneinde op het dak staande over die grote stad te kunnen uitkijken. Het was daar, in die felle gloeiende subtropenzon, onvoorstelbaar warm. Zo ongeveer 36 graden Celsius. Naast mij viel een Amerikaanse vrouw flauw vanwege die hitte. Wij waren op dat moment de enige twee personen op het gloeiend hete marmeren dak van de Dom.
Het kan verkeren. Zo bleek mij later dat die gevallen vrouw de spirituele reïncarnatie van Marilyn Monroe was. Weinig kon ik toen echter bevroeden dat op diezelfde dag de poorten van de hel werden geopend om nooit meer te sluiten. Mijn sacraal verbond met deze vrouw bestaat nog steeds. Zij is inmiddels 78 jaar, schatrijk, en woont in Orlando, Florida, USA. Ik zelf houd een low profile hier in de Lage Landen. Beiden wachten we onze kans af en kijken uit naar de dingen die binnenkort gaan gebeuren. Wij zullen dan de ons toebedeelde rol moeten gaan spelen. Aan ons werd overigens nooit gevraagd of wij dit wel prettig zouden vinden. Plicht is plicht. Maar er zullen steeds meer oorlogen zijn en steeds meer geruchten van oorlogen. Cimbalen en schalmeien klinken al in de verte. Het voorhang scheurt. De hemel verklaart ten lange leste dan toch de oorlog aan de infernale heersers. Wij beiden zijn aangewezen om het pleit te beslechten. U mag ons sterkte toewensen, ondanks het feit dat u deze teloorgang nooit aan den lijve zal ondervinden daar u op de litigieuze datum allang overleden zult zijn. Uw zielenrust ligt echter in onze hand. Schaamt u niet als u wilt huilen, maar gedane zaken nemen geen keer.
Het universum verdwijnt, maar het idee blijft bestaan.

NB. Ik probeer u bij voortduring met mijn apocalyptische, chiliastische en eschatologische verhalen angst in te boezemen. Ik tracht u te imponeren met zwarigheden die immens veel groter zijn dan een doorsnee mens kan verdragen en bevatten. Ik pretendeer met arrogantie en zelfingenomenheid zeggenschap te hebben en gezag te vertegenwoordigen namens de goddelijke krachten die werken vanuit het voor een doorsnee mens onkenbaar gebied. Krachten afkomstig uit een singulariteit die de wetmatigheden van ons ruimtetijdcontinuüm niet eens raken.

Deze stelligheden zijn, zoals u ongetwijfeld reeds heeft geconstateerd, slechts smeekbeden om aandacht van een arme beklagenswaardige en in de steek gelaten ziel. Natuurlijk ben ik, net als u, een simpel gestructureerde boerenlul met alle inherente banale en vulgaire strevingen, die gewend is om de werkelijkheid door zijn eigen vertrouwde en troostende roze bril te beschouwen in dier voege dat de werking van zijn brein de ontluisterende evidenties van een kale werkelijkheid steeds weer omtovert in illusies die bij zijn opgeblazen en onbescheiden super-ego passen. Zo kan dan ook mijn aanmatigend en arrogant gebral, afkomstig uit een tot nu toe onontgonnen gebied, verwaaien en vervormen in de immense ruimte van uw totale onverschilligheid en volstrekte onbegrip. En als je goed luistert, hoor je heel in de verte nog een heel klein beetje gepiep. Maar dat mag geen naam hebben, al kan het soms wel angstaanjagend zijn. Niets is wat het lijkt. Dat weet u toch? Of niet soms?

9 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Iets met wolven.

Vlinder op margriet. Wekeromse Zand. 2010

De vlinder fladdert. De mens ploetert.

Soms kan je ziel meer pijn doen dan je lichaam. De kwelling van de eenzaamheid en de uitzichtloosheid van het bestaan tast de geest aan zoals het vocht hout kan doen rotten. Langzaam maar gestaag. Het eerste wat ik ging doen is naar voedsel zoeken. Houdbaar voedsel. Dus conserven en gedroogde spullen. Ik weet dat het onomkeerbaar is. Iedereen is weg. En ik had het van tevoren kunnen weten. Maar ik heb geen acht geslagen op de voortekenen.

Er ligt een grauwsluier over de wereld. Waar eens mensen krioelden en kinderen speelden heerst nu doodse stilte. Ik zoek mijn weg in een verlaten wereld. Waarom juist ik hier nog ben weet ik niet.

Mijn voetstappen klinken hol in het grote angstaanjagende zwijgen van de verdoemde stad. De mensen zijn weg. ’s Avonds toen ik ging slapen waren zij er nog. Toen ik wakker werd waren zijn weg. Dat is nu zo’n zestien jaar geleden. Er waren eerst branden. Veel gebouwen stortten in. De natuur hernam langzaam weer wat zij in de afgelopen eeuwen aan de mens was kwijt geraakt. Overal groen. Beren, wolven en rendieren zwerven door de resten van de metropool, waardoor ik onafgebroken op mijn hoede moet zijn en mij alleen zwaar gewapend naar buiten waag. Soms, als ik langere tochten moet maken, maak ik gebruik van een gepantserde bestelwagen die oorspronkelijk voor geldtransport was bedoeld. Haha, geld, ja…..!!!! Geld is nog slechts een vage herinnering. Alles wat ik nodig heb kan ik overal zo maar pakken. Het resultaat van duizenden jaren menselijke inspanning alleen voor mij. Ik kan leven als een keizer. Maar dat doe ik niet. Ik wil het niet. Ik zwerf als een eenzame jager door de straten van de stad. Mijn conditie is uitstekend. En ziektes kan ik bestrijden met behulp van mijn ijzeren wil en de medicijnen uit een zorgvuldig door mij aangelegde voorraad.

Het weer lijkt te zijn veranderd. Het is duidelijk kouder geworden. De winters duren langer en de sneeuwval is intenser. De zomers zijn kort en hevig. De meeste tijd ben ik dan kwijt met het bewerken van mijn land. Het kweken van groenten, vruchten etc. Groenten en vruchten die ik wek om de komende lange winter door te komen. ’s Winters zit ik vast omdat de wegen dan door de grote hoeveelheid sneeuw onbegaanbaar zijn geworden.

Achter de heuvels hoor ik het huilen der wolven. De sneeuw ligt hoog. De wolven zijn hongerig. Ik scan de horizon en zie kleine zwarte stippen achter elkaar aan jagen. Richting stad. Het wordt oppassen geblazen. Ik trek me terug in het kasteel, dat ooit werd gebouwd door een eenzame zonderling. Een kasteel omringd door een diepe slotgracht. Ik kan de brug over de gracht, die mij toegang verleent tot de stad, ophalen. Maar nu nog niet. Het is nog niet nodig.

Er zijn geen mensen meer omdat ik dat wilde. Ik heb ze weg gedacht. Mijn persona is verschoven naar een aanpalend ruimtetijdcontinuüm. Zomaar. Zonder dat ik het merkte. Het ene moment nog hier. Het andere moment daar.

De wolven jagen door de verlaten besneeuwde straten van de verlaten stad. Alles is nu mogelijk. De lucht kleurt zwart en geesten uit het verleden betreden mijn werkelijkheid. Zij weven een fijn gordijn van verloren herinneringen en geselen met de knallende karwatsen van ouderwetse heimwee mijn bezwaard gemoed. Het noorderlicht danst de horlepiep en het gehuil der wolven reikt naar de allerhoogste octaven van verschrikking. Het voorspel is angstaanjagend. De ontknoping is nabij.
Ik sluit de kasteeldeur en trek mij terug in de kille ridderzaal. Ik sla de mantel van konijnenbont om mijn sidderende lichaam en weet dat er een nieuwe verschuiving op til is. Buiten het kasteel lopen de wolven te hoop. Hun gehuil gaat door merg en been. Ik stook het vuur in de enorme open haard op tot grote hoogte. De lucht lijkt te gaan trillen. Alles wordt vager. Het verdwijnt. Niets. Zwart.

Slaperig roep ik, “ja, ik kom”. Mijn vrouw heeft het ontbijt klaar. Ik doe mijn ochtendjas aan en ga naar beneden. Een vage herinnering aan een droom ebt weg. Iets met wolven.

2 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized

Hoe komt het toch…………….?

Onbewolkt

Onbewolkt

Hoe komt het toch dat ik vind dat ik steeds weer de vinger op een zere plek moet leggen? Waarom kan ik bijvoorbeeld niet gewoon ongecompliceerd genieten van die onschuldige en naïeve grappenmakerij op het Beursplein? Ik zie daar mensen die me na aan het hart liggen. Mensen met goede bedoelingen. Lieve mensen. Mensen voor wie ik door het vuur zou willen gaan. Maar ze zijn te onschuldig, te naïef!!! Goede bedoelingen moeten gestalte krijgen in de vorm van concrete doelstellingen. Je kunt niet tegen beurshyena’s en geldwolven “vechten” zonder je goed te bewapenen en zonder een relevante strategie.
Je kunt slechte mensen niet verslaan met alléén goede bedoelingen. En er zijn veel slechte mensen, die op grond van genetische aanleg, opvoeding en directe levensomstandigheden een wereld van waarheden hebben ontwikkeld waaruit zij liefde, erbarmen en wijsheid hebben verbannen. Zij kennen de WAARHEID en zij verstoten degenen die niet in het beeld van hun WAARHEID passen. Deze harde, onverbiddelijke en brute mensen moeten door argumenten, maar vooral door het voorleven van wijsheid, liefde en een duurzame en redelijke soberheid overtuigd raken dat zij een andere weg in moeten slaan. U bemerkt al wel hoe potsierlijk deze woorden klinken in een steeds harder en wreder wordende wereld. Hoe “soft” en helemaal niet van deze tijd!! Maar helaas is het mijns inziens de enige manier waarop slechte mensen van hun duistere voornemens afgehouden kunnen worden. Hierbij zij overigens aangetekend dat ik met “slechte mensen” mensen bedoel die hun naasten louter als een middel willen gebruiken om hun eigen materialistische doelen na te streven en te bewerkstelligen.
Ik heb hier geloof ik al duizend keer over geschreven en ik zal er nog honderdduizend keer over blijven schrijven zolang ik me betrokken voel bij het lot van deze geteisterde planeet. Ik kan en wil in deze geen cynische of sarcastische afstand bewaren.

Dus aan de orde is een strijd zonder geweld. En revolutie met behulp van de instrumenten der rede en liefde. Het is erop of eronder voor deze planeet. Het gaat om het razend moeilijke afkicken van een doorgekankerde consumptieverslaving en het neutraliseren van een perverse economische elite die deze verslaving mijns inziens willens en wetens in stand houdt.
Ik heb geen zin om er doekjes om te winden en ik schuw daarom het gebruik van grote woorden niet. Grote problemen hebben grote woorden nodig!!!!!! Men kan er natuurlijk hard om lachen. Men kan zijn schouders erover ophalen in zeker besef van morele en intellectuele superioriteit. Maar men zou ook hart voor de zaak kunnen krijgen en er mogelijk naar kunnen gaan handelen.

NB. De eigentijdse cynische schrijver meneer Grunberg en de oude wijze meneer Bas Heyne bekronen met hun woorden exact datgene wat ik bedoel: De Occupy-beweging is een min of meer decadente life-style terwijl het een duidelijke beweging moet worden met een doel en een strategie. Vrijblijvend freewheelen is leuk, ontspannend en gezellig, maar brengt ons niet in veilig vaarwater.

3 reacties

Opgeslagen onder Uncategorized